Onbekend's avatar

Over Petra d'Huy

Dochter, vriendin, buurvrouw, communicatieadviseur, echtgenote, cliënt (soms patiënt), moeder, baasje, ervaringsgenoot, regiocontactpersoon, vrijwilliger, webmaster, supporter, auteur, voorzitter etcetera

Alles in hokjes staat opgeruimd en netjes

Sinds dat ik op Twitter zit, merk ik dat er een hele stroming op gang is om het taboe op psychiatrische ziekten te doorbreken. Er wordt veel over geschreven vooral ook door ‘patiënten’ dus misschien kan ik beter niet spreken over taboe maar over stigma. De vooroordelen die andere mensen hebben over iemand met een psychiatrische stoornis. “Want wij willen niet in hokjes gestopt worden!”. Maar wordt iedereen niet in hokjes gestopt en moeten wij die eigenschap van de mens maar niet gewoon accepteren? Het is zoals het is. We kunnen er met een hele groep eensgestemden heel veel aandacht aan geven maar laten we er vooral geen probleem van maken om te voorkomen dat het probleem nog groter wordt.

Gisteravond las ik een pakkende tekst van iemand die al jaren kampt met ADD zonder diagnose. “Ik ben blij met mijn hokje”, zegt ze. Waarom? Nu kan zij beginnen met het schrijven van haar persoonlijke gebruiksaanwijzing waardoor haar leven meer duidelijkheid krijgt en kwalitatief zal verbeteren omdat ze nu weet waarom ze op bepaalde situaties reageert zoals ze reageert. Ik heb dit zelf ook zo ervaren en eerlijk gezegd ben ik ‘mijn ziekte’ dankbaar dat het mij een reden heeft gegeven om er echt achter te komen wie ik ben (niet hoe ik denk wat anderen van mij denken) en hoe ik precies in elkaar zit. Ik kon hierbij gebruik maken van de “luxe” om in gesprek hierover te gaan met specialisten: professoren, psychiaters en psychologen. Eigenlijk zou iedereen zijn eigen gebruiksaanwijzing moeten schrijven. Helaas krijg je deze niet mee bij je geboorte. Maar heel veel mensen komen er in hun hele leven niet aan toe en zijn nog steeds zoekende.

hokjes

Het grote nadeel van het hebben van zo’n stempel is wel de schaamte en onzekerheid die je vaak voelt omdat je denkt dat je anders bent dan anderen. We willen er als sociaal wezen bijhoren. Maar, vraag ik mij dan af, komt dit door de reacties van de omgeving of zit deze gedachte in mijn eigen hoofd. Ik heb eerlijk gezegd als mens nooit het gevoel gehad dat ik ‘erbij hoorde’. Ook voor mijn diagnose. Zelfs op hele drukke feestjes kon ik sterk het gevoel hebben dat ik alleen was. Ik ben ook helemaal geen type voor grote, sociale evenementen zoals bijvoorbeeld een wandelvierdaagse. Ik wil mij geen kuddedier voelen maar gewoon lekker mijn eigen gang gaan en uit de pas lopen. Als ik mijn vrienden vertel over mijn gevoeligheid dan krijg ik vaak hele fijne, respectvolle reacties en psychische problemen te horen waar ze zelf mee zitten. Alleen dan zonder diagnose. Ook is er altijd wel iemand in zijn of haar omgeving die ook kampt met een psychische ‘ziekte’ en dan blijkt dus dat ik helemaal niet alleen ben. Tegenstrijdig eigenlijk, Vaak voelen we ons anders, terwijl als we echt naar elkaar kijken en luisteren, blijkt dat we in wezen niet zoveel van elkaar verschillen. “De schepper”, wie of wat dat ook is geweest, heeft ons allemaal als invidividuen gemaakt of moet ik zeggen, zo zijn we ontwikkeld door continu aanpassing aan de veranderende omgeving. Als individu kunnen we van elkaar leren door elkaar te spiegelen, naar elkaar te kijken en met elkaar in gesprek te gaan. Zoals ik het zie, is een gesprek met een ander een kennismaking met jezelf. Je wordt geconfronteerd met je eigen gevoelens en emoties waardoor je jezelf leert kennen door de ogen van de ander. We denken of moet ik zeggen we hopen dat we allemaal anders zijn maar in essentie zijn we, naar mijn mening, uiteindelijk allemaal één. Hokjes zijn nodig om de wereld om ons heen te ordenen en te kunnen begrijpen. Om over de wereld en de mensen om ons heen een oordeel te vellen zoals mensen dat van nature doen. Het liefste veilig, desnoods anoniem via social media. Je geeft zo dus alles een plaatsje. We ruimen alle informatie die binnenkomt op in beeldvormige “hokjes”. Onwetendheid leidt vaak tot chaos en angst. De informatie en jouw antwoorden (jouw waarheid) moet wel in het hokje passen. Maar niemand is zoals jij denkt dat hij of zij is.

Wij mensen zitten complex in elkaar. Aan de ene kant zijn we allemaal anders, unieke wezens maar aan de andere kant zijn we ook gelijk. Dat is verwarrend en tegenstrijdig. Zoals alles op deze wereld vaak tegenstrijdig kan zijn. Je kan je niet intens gelukkig voelen als je niet weet hoe het is om diep ongelukkig te zijn. Geen stigma betekent dus eigenlijk: laat je angst los en vertrouw mij. Accepteer wat is en oordeel niet door je ervan bewust te zijn dat je dit als mens wel doet!

Tip:
Je zal wel denken, daar komen ze weer maar mindfulness helpt om de wereld om je heen en jezelf te accepteren zoals het is. Door je bewust te worden van positieve en negatieve gedachten die continu bij je binnenkomen en door te leren om deze gedachten los te laten, kan je jezelf van een afstand observeren. Jij bent je gedachten niet! Dat geeft rust maar ook heel veel inzicht.

Klik hier voor een uitgebreid overzicht (gratis te downloaden) mindfulness meditaties!

Dat werkt

Gelukkig en dankbaar ben ik mèt mijn leven, mèt man, mèt kinderen, mèt hond, mèt huis, mèt familie en mèt vrienden. Maar sinds mijn laatste psychose ben ik afgekeurd en leef ik zonder werk. Tenminste zonder werk buiten de deur. In huis is genoeg te doen. Ramen zemen, stofzuigen, vaatwasser legen, opruimen, badkamer soppen, was doen maar dat zijn nu net de karweitjes die mij weinig voldoening geven.

Vanaf je 4e jaar zit je op school. Je voor te bereiden op de toekomst. Wat wil je later worden? Je hebt dromen. Dat ik na het behalen van mijn hbo-opleiding eindig als een bipolaire, arbeidsongeschikte huismoeder vind ik soms moeilijk te verkroppen. Als ik depressief ben, geeft het mij een gevoel alsof ik gefaald heb. Ik heb er zelf niet voor gekozen en dat maakt, volgens mij, een groot verschil. Als mijn man en kinderen ’s morgens de deur uit gaan overvalt mij vaak een gevoel van leegte. Ik zou zo graag nog iets betekenen voor de maatschappij. Tenminste op de dagen dat het goed met mij gaat. Iedere ochtend facetime ik even met mijn ouders hoe het gaat. Ik hoor het mijn moeder nog zeggen als ik weer eens loop te klagen. “Meid, als je je rot voelt, ga je toch lekker de keukenkastjes soppen. Je voelt je heerlijk als je klaar bent. En anders zoek je toch een hobby”. “Mam, mijn werk was mijn hobby. Dat is en was nu juist het probleem!”.

Het verleden heeft wel uitgewezen dat een betaalde baan niet voor mij is weggelegd. Ik wil wel werken maar ik kan niet. De werkdruk en de verwachtingen worden mij teveel en mijn ambitie, enthousiasme en overdosis aan zelfkritiek zorgen er letterlijk voor dat ik mijzelf verlies. Ik kan mijn werk niet loslaten. De gedachtenstroom in mijn hoofd niet stoppen. Deze kan zowel positief als negatief zijn. Teveel positieve gedachten en ideeën, zorgen voor een manie. Ik ben onvermoeibaar en barst van de energie. Klaar wakker lig ik ’s avonds in bed. De plannen blijven mijn hoofd instromen. Geen idee waar ze vandaan komen? Ik slaap niet meer, al mijn gedachten putten mij geestelijk en lichamelijk uit. Mijn lichaam gaat trillen van de spanning, ik krijg hartkloppingen en (als ik niet ingrijp met haldol) is de kans groot dat ik langzaam psychotisch word. Teveel negatieve gedachten en onzekerheid over mijzelf (“ik voel mij dom en ben niet goed genoeg”) zorgen weer voor een depressie.

Tja, maar ik ben nogal hardleers en op de dagen dat ik mij goed voel, gaat het kriebelen. Ik ben op goede dagen regelmatig tegen mijn psychiater begonnen over het zoeken naar een nieuw doel in mijn leven in de vorm van bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. Zijn antwoord was: “jouw doel is ervoor te zorgen dat je stabiel blijft!”. Natuurlijk heeft hij gelijk gezien mijn geschiedenis en mijn gevoeligheid voor manische psychoses. Maar ik denk wel dat je zelf depressies kan helpen voorkomen door op zijn tijd trots te kunnen zijn op jezelf. De ene vind voldoening in schilderen, dansen of zingen. De ander gaat hardlopen. Iedereen heeft een uitlaatklep nodig. En zo bleef ik zoeken naar de mijne.

vmdb

Toen ik de diagnose bipolaire stoornis kreeg, ben ik lid geworden van de Vereniging voor Manisch Depressieven en Betrokkenen (VMDB). De eerste twee stappen naar ‘genezing’ zijn:

1) zoveel mogelijk kennis op doen over je ziekte;
2) contact zoeken met lotgenoten.

De psycho-educatiecursussen die via de vereniging in het land worden gegeven, zijn een ideale combinatie van beide. Het is dè basis om vandaar uit jezelf te ontwikkelen zodat je leert omgaan met je stoornis. Bijvoorbeeld door te beginnen met het invullen van life-charts en het opstellen van je eigen noodplan in overleg met je omgeving en je behandelaar. Zie je gevoeligheid niet als vijand maar zie het als een kans om jezelf beter te (moeten) leren kennen. Wie ben ik en wat heb ik nodig om gelukkig te zijn? Er zijn genoeg bejaarden die zich deze vraag nooit hebben gesteld en daar nu spijt van hebben.

Tijdens de psycho-educatiecursus die ik jaren geleden samen met mijn man volgde, kwamen we in contact met ervaringsdeskundigen. Hun bijdrage sprak mij direct aan “het geven van voorlichting aan mensen die nog zoekende zijn”. Van wie kun je beter leren dan van mensen die ongeveer hetzelfde hebben ervaren en die aan een woord genoeg hebben. Drie jaar en vele ervaringen later heb ik zelf samen met mijn man als ervaringsdeskundigen aan verschillende cursussen deelgenomen. Ik als patiënt en hij als betrokkene. De bijeenkomsten gaven mij altijd enorme voldoening en het geven van voorlichting is voor mij een echte uitlaatklep. Maar aanwezig zijn kostte mij ook enorm veel energie of moet ik zeggen: ik kreeg er teveel energie van? Ik kon niet anders dan mij voor de volle 100% geven (misschien wel 200%). Vaak moest ik ’s avonds een slaappil nemen om tot rust te komen. Had ik het dan niet moeten doen? Door deze ervaring heb ik mijzelf weer een stukje beter leren kennen en weet ik dat werken voor mij een gevaarlijke trigger is. Soms moet je de grens opzoeken om te weten waar hij precies ligt.

Deze week heb ik contact gehad met een sociaal psychiatrisch verpleegkundige voor het geven van een nieuwe psycho-educatiecursus. In eerste instantie heb ik uit zelfbescherming ‘nee’ gezegd maar dat gaf mij ook geen goed gevoel. In overleg met mijn man heb ik voor een middenweg gekozen en besloten om 1 à 2 bijeenkomsten samen aanwezig te zijn. Ik zal wel rekening moeten houden met andere activiteiten en rustmomenten moeten creëren in mijn agenda maar dan kan ik tenminste wel zeggen “ik ben trots op mezelf!”.

Tip:
Iedereen heeft een uitlaatklep nodig. Dit kan werken zijn maar ook bijvoorbeeld sporten of je creatief uiten. Laat je niet ontmoedigen door je beperkingen maar kijk naar je mogelijkheden. Wat kan je nog wel? Wees trots op jezelf!

afbeelding: logo VMDB

Geloven in je oerkracht

Als ik ’s morgens wakker wordt, komt vaak alles op mijn af. Prikkels vanuit de omgeving verstoren direct mijn gedachten. “Er mag wel eens een stofzuiger door de slaapkamer. De ramen poetsen is ook geen overbodige luxe. En als ik dan toch bezig ben, kan ik de bedden ook verschonen.” Ik kijk uit het raam de tuin in en denk: “Wat een onkruid allemaal. En het gras moet ook gemaaid worden”. Snel trek ik de gordijnen dicht en loop zuchtend de zoldertrap af naar het kleine kamertje waar mijn kledingkast en de wasmand staat. “Nou, die mand zit ook wel erg vol. Zal ik gelijk maar een wasje doen?”. Ppffff, de dag is nog niet begonnen en ik ben al moe in mijn hoofd. Ik voel een enorme stress. Ik moet, ik moet, ik moet. Ook goedemorgen!

Het liefste zou ik willen dat mijn hele huis perfect schoon en opgeruimd is. Want dan heb ik rust in mijn hoofd. Teveel spullen in mijn omgeving maken mij onrustig. Een aanrecht waar ontbijtborden op staan, die eigenlijk in de vaatwasser moeten. Een trainingsjas van mijn zoon die nog over de bank hangt maar die nog op de kapstok gehangen moet worden. Schoolboeken die mijn dochter op de eettafel heeft laten liggen maar waar ik een speciale doos voor in de kast heb staan. Ik moet het allemaal opruimen voordat ik de rust kan nemen om aan mijn ontbijt te beginnen. Door jarenlang lithiumgebruik is mijn schildklier te traag en ben ik genoodzaakt om iedere ochtend 30 minuten voor mijn ontbijt thyrax in te nemen dus direct ontbijten is toch al geen optie. Maar het zou fijn zijn, als ik met een opgeruimd hoofd rustig de dag zou kunnen beginnen want deze negatieve spanning maakt mij depressief. Het gebeurt vaak genoeg dat ik na mijn eerste bak koffie van ellende op de bank belandt en weer in slaap val. Als ik slaap heb ik geen opgejaagde gevoelens van ‘moeten’. Ik bevind mij dan in een veilige droomwereld waar geen negatieve gedachten op mij afkomen maar als ik dit doe dan voel ik mij de rest van de dag niet optimaal. De beste remedie is daarom ook om, als mijn man en kinderen de deur uit zijn en na mijn eerste bak koffie, even afstand te nemen van mijn ‘onrustige’ omgeving.

Gelukkig hebben wij een hond die iedere ochtend uit moet. Een kleine, ruwharige dwergteckel die in huis weinig vuil en rommel maakt maar die toch om de nodige beweging vraagt. Omdat ik uit mijzelf niet zoveel kilometers maak, ik vind het ongezellig om alleen te wandelen, heb ik iedere week afgesproken met een sportieve vriendin. We wandelen en praten waardoor ik mijn hoofd leeg kan maken. Bewegen is naast haldol voor mij een ideaal medicijn om alles weer op een rijtje te krijgen. Gelukkig kan ik open met mijn meeste vrienden praten over mijn psychische gevoeligheid. Juist door eerlijk te zijn over mijn aandoening, kunnen anderen mij beter begrijpen en ook rekening met mij houden. Daarbij merk ik dat wij, als “psychiatrisch patiënt”, echt niet zoveel anders zijn. Wij zijn niet de enige met onze angsten en onzekerheden. Om rust te vinden pakken andere misschien een goed boek, gaan hardlopen, kijken een mooie film, nemen een bad etc. Ik heb daar iets meer voor nodig en neem een pilletje. So what?

Vanmorgen had ik een heel mooi gesprek met mijn vriendin. Het ging over angst. Ik ben vaak bang voor momenten die gaan komen waar ik zelf geen invloed op heb. Het moment dat ik bijvoorbeeld een dierbare verlies. Kan ik dan wel omgaan met mijn emoties, word ik niet psychotisch en zie ik geen uitweg meer? In gedachten ben ik mij soms al aan het voorbereiden op het verlies van bijvoorbeeld mijn ouders of mijn partner. Gewoon door het mij voor te stellen hoe het zou zijn zonder hen. Dat ik niet meer op ze kan terugvallen. Mijn man en ik zijn echt een eenheid. Een team. We vullen elkaar perfect aan. Eigenlijk zou ik de dingen die hij nu in en om het huis doet zelf moeten doen. Zoals bijvoorbeeld de olie bijvullen van de auto of een schilderij ophangen zodat ik daarin zelfstandiger word. Het zou mij ook zekerder van mijzelf maken, als ik deze klusjes zelf zou klaren. Toevallig komt mijn dochter net thuis en zegt dat ze een lekke band heeft. “Wacht maar tot papa thuis is”, denk ik dan gemakzuchtig. “Mijn tijd komt nog wel”.

Mijn wandelmaatje gelooft in onze oerkracht. We zijn vaak sterker dan we zelf denken. Het is de gedachten over een gebeurtenis die je angstig maken, vaak niet de gebeurtenis zelf. Daar kom je wel doorheen met behulp van je eigen oerkracht. Net zoals tijdens de geboorte van je eerste kind. Er overvalt je dan een bepaalde kracht die je helpt om door het proces te komen. Om te overleven. Je moet vertrouwen hebben in jezelf. Ze zegt: “Ik geloof niet dat jij het weer zover laat komen. Jij hebt toch ook geleerd om een extra pilletje te nemen omdat je dat nodig hebt. Dat is toch ook overleven?”.

elephant-590020_640

We hebben fijn gewandeld en ik voel mij rustiger in mijn hoofd. Ze heeft gelijk. Ik moet niet bang zijn dat de geschiedenis zich zal herhalen. Ik heb veel geleerd van mijn episodes en weet zelf als de beste wat ik nodig heb. Dit alles heb ik ook opgeschreven in mijn noodplan. En mijn oerkracht zal mij helpen!

Tip:
Wil jij ook zekerder van jezelf worden? Houd de regie in eigen handen en beschrijf, in overleg met je behandelaar, hoe jij (mocht het zover komen) behandeld wilt worden als je zelf niet meer in staat bent om hierover helder na te denken. Beschrijf je positieve en negatieve ervaringen in een crisis- of noodplan en laat het document ondertekenen door je behandelaar. Welke activiteiten en/of medicijnen helpen jou?

Klik hier voor een voorbeeld van een kort signaleringsplan.

Een gesprek met een ander is een kennismaking met jezelf

Mensen maken fouten en van je fouten leer je. De eerste grote fout die ik gemaakt heb in mijn leven is niet dat ik tijdens een manische psychose, toen ik zeven maanden zwanger was van mijn dochter, een handvol slaappillen heb genomen. Ik wilde rust vinden in een nieuwe liefdevolle wereld. Onzin. Puur vluchtgedrag. Ik was ziek. Te gevoelig en erg angstig. Ik heb mijzelf vergeven. Het was een harde leerschool en ik mag mijzelf nu een gelukkige moeder noemen.

Ik ben altijd al geïnteresseerd geweest in mensen en hun gedrag. Waarom reageert iemand zoals hij of zij reageert? Hoe heeft het zover met mij kunnen komen? Na de havo koos ik voor een nieuwe studie aan de hogeschool: communicatie. Tijdens deze studie heb ik geleerd hoe je het gedrag van anderen kan beïnvloeden en een boodschap kan overbrengen door duidelijk, eerlijk en open te communiceren. Maar hoe moeilijk is het om je boodschap perfect te laten overkomen. Onmogelijk! Je ontkomt er niet aan dat wat je zegt ook wel eens negatieve emoties oproept en de boodschap totaal verkeerd overkomt. De grootste fout die ik in mijn leven heb gemaakt, is dat ik mijzelf verantwoordelijk voelde voor de negatieve emoties van anderen. Ik, als communicatiedeskundige, had blijkbaar iets verkeerd gezegd? Waarom kwam mijn boodschap ‘verkeerd’ over? Ik had altijd het gevoel dat ik het gesprek in de goede richting moest sturen. Ik had tenslotte communicatie gestudeerd. Maar ook als iemand heel emotioneel vertelde over bijvoorbeeld een ziek familielid dan wilde ik deze persoon direct op beuren met ‘positive talk’ zodat hij of zij zich niet meer zo verdrietig voelde. Vaak werd het luisteren bemoeilijkt omdat ik onrustig werd van de emotionele lading en ik direct wilde ‘helpen’. Ik nam de spanning blijkbaar over en leefde teveel mee. Soms is alleen luisteren genoeg, hoef je niets te zeggen of te doen en er alleen maar voor iemand zijn. Ik ben dus gevoelig voor de spanningen van anderen en vind het heel moeilijk om mij daar vanaf te sluiten.

communicatie

Tja, gevoeligheid…zeker weten een van de kenmerken van een manisch depressief persoon. Een gesprek met vrienden, loze opmerkingen, grapjes…. ik nam de woorden vaak letterlijk en persoonlijk op. Ik was mij er wel van bewust dat mensen vaak niet precies zeggen wat ze bedoelen maar ik had altijd het idee dat ik er iets mee moest doen. Wist je dat uit psychologisch onderzoek naar menselijke communicatie is gebleken dat vooral communicatie van emoties via lichaamstaal verloopt: 55% van die communicatie bestaat uit lichaamstaal, 38% door de stemklank en 7% door middel van woorden (Bron: Wikipedia) .

Mensen zeggen dus vaak niet wat ze echt bedoelen. Het is ook moeilijk om de juiste woorden te kiezen. Echt goed communiceren en met je emoties omgaan is niet iets dat we standaard als vak op school leren. Mensen houden wat ze zeggen vaak niet bij zichzelf en beoordelen en veroordelen dan het gedrag van de ander. Bijvoorbeeld: ‘wat ben jij aan het zeuren zeg,’ terwijl ze ook kunnen zeggen ‘ik ben nu moe, te moe om je te kunnen begrijpen, kunnen we dit gesprek een andere keer voortzetten?’ Ik vroeg mij altijd af: waarom zegt iemand zoiets. Er is toch altijd een achterliggende reden? Zelfs een grapje heeft een kern van waarheid. Vaak zegt dus zo’n reactie meer over de persoon zelf dan over de ander.

Een gesprek met een ander, is als het ware een kennismaking met jezelf.

De emoties die de woorden van de ander bij mij naar boven brachten, vertelde over mij dat ik een gevoelig mens ben. Zo nu en dan onzeker? Dit is helaas erger geworden na mijn psychoses. Als je momenten kent, dat je je eigen gedachten (je eigen werkelijkheid) niet meer kunt vertrouwen, is het heel moeilijk om het vertrouwen in jezelf weer terug te vinden. Ik vind het steeds moeilijker om keuzes te maken. Balen, want ik ben ambitieus en wil juist een stoere meid zijn.

Mijn baas merkte aan mij dat ik onzeker was en dat dit mij in mijn werk belemmerde. Hij zei eens tegen mij: “De wereld is hard, je moet meer eelt op je ziel krijgen!” Hij had gelijk wat betreft onze maatschappij. Die is hard. We moeten allemaal het beste van onszelf laten zien met burn-outs als gevolg. Maar is jezelf op bepaalde momenten kwetsbaar opstellen niet het sterkste en het moedigste wat je kan doen? Diep in mijn hart wilde ik niet veranderen. Ik heb inmiddels wel geleerd om woorden te incasseren. Het zijn maar woorden. Schelden doet toch geen zeer? Ik ben een voorstander van goede, open en eerlijke gesprekken. Daar leren we van. Maar eerlijk gezegd denk ik ook dat de kracht van het woord onderschat wordt. Begrijp mij niet verkeerd. Ik ben voor vrijheid van meningsuiting maar ik denk ook dat communicatie meer kapot kan maken dan je lief is. Als je door omstandigheden al het negatieve op jezelf gaat betrekken, kun je behoorlijk depressief raken. Met alle gevolgen van dien. Ik heb geleerd dat ik soms beter mijn mond kan houden om de emotie van de ander niet te vergroten. Laat het maar even overwaaien, niet direct reageren, heb geduld dan komt het vaak vanzelf wel goed.

Tip:
Vaak reageren mensen direct vanuit hun eigen emoties en wordt er niet goed nagedacht voordat iemand iets zegt. Probeer de emotionele lading en de gekozen woorden niet op jezelf te betrekken als persoon. De reactie van de ander heeft vaak meer met de ander te maken dan met jou.