Onbekend's avatar

Over Petra d'Huy

Dochter, vriendin, buurvrouw, communicatieadviseur, echtgenote, cliënt (soms patiënt), moeder, baasje, ervaringsgenoot, regiocontactpersoon, vrijwilliger, webmaster, supporter, auteur, voorzitter etcetera

Ik geef (zelf)stigma geen kans

Tekst: Ramona Griebe

Ik ben Ramona, ik leef met een bipolaire stoornis en van mij mag iedereen het weten.

Vorig jaar kwam ik in contact met Vincent Moolenaar. Hij had het idee om een filmpje te maken over iemand met een bipolaire stoornis. Op een ongedwongen manier mensen laten zien wat het inhoudt en mensen die het ook hebben de kans geven om te herkennen. We zijn tenslotte niet alleen.

Het zou een mooi filmpje worden, maar waarom mooi en gelikt als het onderwerp eigenlijk best ruw is? Dus hebben we besloten om het te laten zien zoals het is. Ik wilde heel graag mee werken, omdat ik weet dat er genoeg mensen zijn die denken dat ze zich moeten schamen, of dat ze er niet mogen zijn omdat ze wat ‘mankeren’. Ze zijn vaak bang, omdat ze de indruk hebben dat ze de enige zijn. Ook weten veel mensen niet hoe er mee om te gaan, dus keren ze zich af van mensen die zogenaamd ‘niet sporen’.

Zelf had ik er in het begin ook moeite mee, maar ik mocht al redelijk snel ontdekken dat, dat helemaal niet hoefde. Ik kan je ook heel eenvoudig vertellen waarom;

“Ik doe elke dag mijn best; ik overleef, ik vecht, ik geniet, ik lach, ik huil, ik ben eerlijk en open, ik raak makkelijk compleet uit balans, maar ik klim er elke keer ook weer boven op.”

Dat doe ik allemaal en nog meer. Soms word ik er echt bang van. Het kan voelen alsof ik helemaal alleen ben. En dan kan het zomaar omslaan naar ontembaar enthousiasme. Er zit voor mij niet veel tussenin, alles voelt intens. Ik ben ook niet de meest eenvoudige persoon, maar bijvoorbeeld wel heel creatief en ik kan echt ‘out of the box’ denken. Ik ben niet heel attent en kan verjaardagen zonder blozen vergeten wanneer ik te veel in mijn hoofd heb. Maar ik zal altijd klaar staan voor de mensen die ik lief heb. Ik kan heel rustig worden van dieren en praat dan ook honderduit tegen ze. Wat mensen daarvan willen vinden maakt mij niet uit.

Ik weet als ik wakker word niet hoe mijn pet aan het eind van de dag staat, dus leef ik mijn dag zo veel mogelijk, zoals ik me er prettig bij voel. Ook al betekent dat, dat ik niet altijd mee kan komen en regelmatig een ‘pauze-dag’ moet hebben. Even pas op de plaats. Soms moet ik ook ‘nee’ zeggen tegen mijn dochter. Of heb ik minder aandacht voor haar. Dat kan me zo dwars zitten, maar gelukkig kan ik haar dan gewoon vertellen dat mama zich niet zo lekker voelt. En als haár hoofd een keer te vol zit, kan ze rekenen op mijn begrip, want ik snap het.

Zoals iedereen heb ik ook mijn periodes dat ik vind dat alle slechte dingen mij overkomen. Niet eerlijk vind ik het dan, dat ik zo’n vervelende stoornis moet hebben. Maar ik moet het er mee doen, dus dan maak ik het voor mezelf zo prettig als ik kan. Ik ben er wel achter dat elk nadeel ook zijn voordelen heeft, en elk voordeel ook zijn nadelen. Een hele vervelende periode is voor mij bijvoorbeeld voer voor inspiratie om te schrijven.

Van afkeurende blikken of gefluister heb ik gelukkig weinig last. Mensen in mijn omgeving weten hoe het zit en ik doe niet geheimzinnig als er anderen bij zijn. Het lijkt makkelijker te zijn voor anderen als ik me positief op stel. Als ik me niet schaam, hebben zij ook geen reden om er een ongemakkelijk en schaamtevol iets van te maken. Uitzonderingen zullen er altijd blijven, maar die bevestigingen voor mij alleen maar de regel.

Hoe mensen het ook het ook wil verwoorden, ik ben blij met wie ik ben en ik geef (zelf)stigma geen ruimte. Dus daarom mijn verhaal; ik hoop dat (zelf)stigma steeds minder ruimte krijgt om te bestaan.

 

 

 

 

 

 

Dóór-ontwikkelen

Tekst: Willem Gotink

‘Ik en de GGZ’ in drie voorbeelden:

1978. Als leerling verpleegkundige werk ik op een gesloten afdeling voor kortdurende behandeling. Daar verblijft ook mevrouw P., een vrouw van in de 50. Ze heeft, wat we tegenwoordig geloof ik, een rapid-cycling bipolaire stoornis zouden noemen. Toen heette dat nog gewoon manisch-depressief. Mevrouw was in haar manische periodes, die een paar dagen duurden, hoogst irritant. Dat dat mede werd veroorzaakt door de omstandigheden op de afdeling begreep ik pas jaren later. Begrijp me goed: die manie kwam natuurlijk niet door de afdeling. Maar de irritante uiting ervan waarschijnlijk wél.

Een aantal dagen achter elkaar zette ze de afdeling op stelten, daarna zat ze dagenlang te somberen op haar kamer, zich groot te houden voor de leerling-verpleegkundigen van rond de twintig jaar, zoals ik.

Nu volgt een bekentenis, en ik zeg er maar vast bij dat ik jong was en pas een paar maanden in de psychiatrie werkte. En dat het een tijd was waarin a) de ouders de schuld kregen van alles en b) je 100% verantwoordelijk was voor je eigen ziektes. Zeker als ze psychisch waren. Op één van die sombere momenten tref ik haar aan op haar kamer, vraag haar hoe het gaat en raak met haar in gesprek. En dan. Ik hoor het mezelf nog zeggen: “Misschien moet u ook wat meer uw best doen om beter te worden”. Auw!
“Zo, vind je dat,” is het zuinige antwoord. Gesprek afgelopen.

Vijftien jaar later, rond 1993. Een goede vriendin van me raakt in een psychose. Later zal de diagnose bipolaire stoornis worden gesteld, maar dat weten we dan nog niet. Als er weer een depressie volgt, vraagt haar vriend of ik langs wil komen, want ‘jij werkt bij het RIAGG en hebt er verstand van’. Dat ik op dat moment bij de afdeling ouderenzorg werk, doet blijkbaar niet ter zake: psychiatrie is psychiatrie. En dus ga ik langs, m’n werktas nog over m’n schouder.  Na vijftien minuten sta ik weer buiten. Er uit geschopt. En terecht.

Vrienden zijn vrienden, behandelaren zijn behandelaren. Dat was ons beide binnen tien minuten duidelijk. Als ik haar de volgende dag bel, besluiten we het bezoek te vergeten en dingen te gaan doen die vrienden met elkaar doen: sporten, film en uitgaan. Nu, jaren later, doen we dat nog steeds en daarbij hebben we het ook wel eens over haar bipolaire stoornis. Net zoals we het ook wel eens over mijn rugklachten hebben (sporten is voor mij ook goed!). Vanaf de zijlijn zie ik en passant hoe haar vriendenkring verandert. Omdat mensen het niet aankunnen of omdat ze “niet voldoende haar best doet om beter te worden.” Auw!

party-2173187_640

Weer zo’n vijftien jaar later, ongeveer 2010. Op een feestje ontmoet ik Sophie. Vrolijk, beetje té vrolijk wellicht, maar alleraardigst. Ik herken haar meteen. Vijf jaar daarvóór heb ik haar al eens ontmoet in de crisisdienst. Ze was manisch en deed in die manie veel dingen waar ze later gegarandeerd spijt van zou krijgen. Een verplichte opname was wettelijk gezien niet mogelijk, al hebben we dat als hulpverleners serieus overwogen. Zoals dat soms gaat, had ik als één van de weinige een ‘klik’ met haar en het lukte me met enige moeite om haar er van te overtuigen medicatie in te nemen. De manie verdween, evenals het contact met de crisisdienst. En nu kom ik haar op dat feestje weer tegen. Het wordt een geanimeerd gesprek. Die klik voel ik nog steeds. Zij niet. Dat wil zeggen: ze herkent me waarschijnlijk niet. Wat gezien niet heel verwonderlijk is: ik was in die tijd één van de vele hulpverleners, daarnaast ontmoette ze nog de nodige mannen die heel andere bedoelingen hadden dan hulp verlenen.

Haar vragen naar die periode? Ik heb er niet de moed voor. Omdat ik niet weet wat ik op ga rakelen én omdat ik niet weet wat haar aanwezige kersverse vriendje al weet. Het lijkt me niet handig als hij via mij dingen te horen krijgt die zij wellicht niet wil vertellen.
Als onze eerste kennismaking zeven jaar terug in andere omstandigheden waren verlopen, waren we misschien goede vrienden geworden. Nu laat ik het er maar bij.

Drie voorbeelden, de overeenkomst zit hem in het verschil. Het is de geschiedenis van hoe de GGZ met zijn patiënten om is gegaan. Ik zie vooruitgang en voortschrijdend inzicht.

In het laatste voorbeeld is, denk ik, door de meeste betrokkenen, inclusief mijzelf, gehandeld zoals het hoort. Maar ik hoop echt dat iemand die dit over 30 jaar leest, ook over dat laatste voorbeeld zal zeggen: “Daar zouden we tegenwoordig toch veel gelijkwaardiger mee omgaan.”


willem

Willem Gotink is Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige en socioloog en werkt sinds 1978 op verschillende plekken in de GGZ. De laatste drie jaar twee dagen per week als POH-GGZ in Amsterdam en drie dagen per week als hoofdredacteur van GGZTotaal.

ggztotaalGGZTotaal (www.ggztotaal.nl) is hét eMagazine voor iedereen die op de één of andere manier te maken heeft met de GGZ: een gratis maandelijks eMagazine (abonneer je hier) en een site met achtergrondinformatie en dagelijks nieuws.

Het laatste nummer stond in het teken van de bipolaire stoornis.
Je kan hem hier lezen en/of downloaden.

Accepteer je stoornis

Dit stuk verscheen op 20 juni 2017 op de site van Mijn Gezondheidsgids

Astrid (42) had haar leven op 25-jarige leeftijd in alle opzichten op de rails. Ze was jong, had een goede baan, een leuke vriend en stond op het punt te gaan trouwen. Niets leek haar geluk nog in de weg te staan. Totdat een hevige manische episode roet in het eten gooide. Het heeft Astrid maanden gekost om haar aandoening te leren accepteren.

In aanloop naar haar bruiloft, nu 17 jaar geleden, merkte Astrid dat ze steeds slechter in slaap kon komen. Gedachten die ze maar niet los kon laten zorgden ervoor dat ze urenlang bleef piekeren. Astrid bleek een manische episode te hebben die uitliep in een psychose.

“Ik was niet meer mezelf en belandde zelfs in een separeercel. Elke prikkel was er één te veel. Ik leefde in mijn eigen wereld.” De opname duurde vier maanden lang en gelukkig voor Astrid is de man met wie ze ging trouwen, haar huidige echtgenoot, in deze periode niet van haar zijde geweken. Ook haar baan`als financieel consultant kon ze, dankzij het begrip van haar leidinggevende, weer oppakken.

Omgaan met de bipolaire stoornis

Na haar opname besloot Astrid haar kinderwens even uit te stellen. Ze wilde zeker weten dat ze haar leven weer aankon, ook zonder medicatie. Daarom stopte ze een jaar voor haar zwangerschap met het slikken van haar medicijnen.

Inmiddels heeft Astrid twee dochters van 12 en 9 jaar. Beide bevallingen gingen gepaard met terugvallen en korte opnamen, maar het vertrouwen in haar eigen kracht om terug te knokken en de onvoorwaardelijke steun van haar man, hebben haar door deze perioden heen geholpen. Om met haar bipolaire stoornis om te kunnen gaan, is het belangrijk dat mensen naar haar luisteren en haar begrijpen, juist tijdens stabiele perioden.

Het opbouwen van een vertrouwensband met haar behandelaren, dankzij regelmatig contact, helpt Astrid hulp te accepteren op momenten dat dat wél nodig is. “Wanneer ik in stabiele toestand ben kan ik prima functioneren. Het kan jaren achtereen goed met me gaan. Het is absoluut niet zo dat deze ziekte mijn leven 24/7 beheerst.”

bipolaire-stoornis

Ingrijpende veranderingen

Toch kan het bij veranderingen in haar leven, zoals het overlijden van een dierbare of, in het geval van vorig jaar, het overstappen op een nieuwe baan, nog wel eens misgaan. Na drie maanden op haar nieuwe werkplek begon het piekeren weer.

Astrid kreeg een terugval. “Het ging in een stroomversnelling: ik was gestopt met mijn medicatie en dus mijn bescherming kwijt. Ik zat niet lekker in mijn vel, dat uit zich bij mij in een manie. Ik zie geen risico’s meer, denk alleen maar aan mezelf en ben niet met anderen bezig. Ik zocht rust, maar vond die niet.” Omdat Astrid inmiddels de signalen al in een vroeg stadium herkent, kan ze snel handelen.

Zo weet ze op tijd haar verpleegkundig specialist en psychiater te vinden om haar de begeleiding te bieden die ze nodig heeft. “Zij hebben mijn leidinggevende ook in een openhartig gesprek uitgelegd dat ik, wanneer ik stabiel ben, prima mijn takenpakket kan uitvoeren. Dit heeft het vertrouwen van mijn leidinggevende in mij hersteld.”

Genezen zal Astrid nooit van haar bipolaire stoornis. “Deze aandoening is vervelend en natuurlijk had ik het liever niet gehad, maar het heeft me ook veel gebracht. Ik voel goed aan wanneer iemand zich niet goed voelt en kan dan net de juiste vragen stellen en een luisterend oor bieden. Het is vooral belangrijk om geloof in jezelf te blijven houden.”


Leven-met-bipolaire-stoornis-Accepteer-je-stoornis

Mijn leven begon bij 40

Tekst: Petra d’Huy

Als puber had ik best veel last van stemmingswisselingen. Onzekerheden en periodes van overenthousiasme. Dat hoort erbij toch? Na mijn middelbare schooltijd ben ik Communicatie gaan studeren. Joepie! Het studentenleven begon. Als kennismaking gingen we met zijn allen naar de Ardennen. Wat ik mij herinner is dat ik ’s avonds vroeg in mijn slaapzak lag terwijl andere eerstejaarsstudenten liedjes zaten te zingen rond een kampvuur. Feestjes liet ik vaak aan mij voorbij gaan. Geen zin?

Sommige colleges begonnen al vroeg in de ochtend. Ik had vaak niet de energie om te komen. Ik heb er dan ook best veel gemist. Maar met trots kan ik zeggen dat ik in 1997 mijn diploma behaald heb. Als ik daar nu aan terugdenk vind ik dat best een hele prestatie. Wetende wat ik nu weet.

glasses-272399_640

Na mijn opleiding wilde ik maar een ding… carrière maken. Ik begon als commercieel medewerker bij een im- en exportbedrijf van tweedehands kleding. Niet echt spannend. Als snel had ik daar genoeg van en solliciteerde naar een baan bij de Landmacht. Ik werd door mijn spontaniteit direct aangenomen en belandde in een bijzondere wereld waar ik in sneltreinvaart heel veel geleerd heb. Maar als vrouwelijke burger tussen de militairen moet je sterk in je schoenen staan en goed weten waar je grenzen liggen. “Petra, jij moet eelt op je ziel krijgen”.

In 1999 werd ik voor het eerst psychotisch. Ik had enkele maanden ervoor impulsief ontslag genomen vanwege burn-out klachten. Psychische en daarbij komende lichamelijke klachten waarvan ik zelf dacht dat het aanstelleritis was. Ik kon de druk, die ik vooral mijzelf oplegde, niet meer aan. Zwakkeling? Dat ik écht ziek was, bevestigde een arts 12 maanden later na een tweede psychose. Een manische psychose. Ik had last van een bipolaire stoornis (ofwel: manisch depressiviteit). Ik verloor hierdoor niet alleen mijn werk maar ook mijn passie.

Ik zal je de weg naar acceptatie besparen. Een lange weg. Jarenlang heb ik het niet kunnen verdragen dat ik ernstig psychisch ziek was en daardoor arbeidsongeschikt verklaard. Jarenlang zoekende naar het ‘waarom’. Wat is er gebeurd in mijn leven waardoor ik zo geworden ben? Bespaar je. Je kan je leven lang blijven zoeken naar hét verlossende antwoord maar die zal je niet vinden en het maakt je vast niet gelukkiger. Het kost je alleen veel kostbare tijd. Geluk vind je in het accepteren dat het is zoals het is. Niets is goed of fout. Het is.

Erover praten was moeilijk. Zeker op verjaardagen waar ik vaak van vreemden de vraag gesteld kreeg: “En wat doe jij?”. “Ik ben een zwakke, psychotische, bipolaire, afgekeurde huismoeder en jij?” In mijn directe omgeving wisten mensen het wel maar de schaamte die ik voelde was enorm. Ik had veel last van zelfstigma en dat zat mij herstelproces enorm in de weg. Was ik écht gek?

Op 8 april 2014 werd ik 40 jaar. Dat was het jaar dat ik mijn laatste stap naar herstel heb genomen. Dat ik begon met het loslaten van mijn eigen vooroordelen. Mijzelf compleet heb laten zien aan de wereld. En dat was geen keuze, dat was noodzaak. Op advies van mijn man ben ik begonnen om mijn gevoelens ‘op papier te zetten’. Of moet ik zeggen: op het beeldscherm te laten verschijnen? Ik kocht een laptop en ben begonnen met typen. Iets wat ik enorm graag doe maar waarvan ik de noodzaak niet meer zag want ik werkte tenslotte niet meer. Het was moeilijk om de juiste woorden te vinden. Maar nog moeilijk was het om die woorden te laten lezen door anderen. Hoe kwetsbaar kan je zijn? Mijn hart zat in mijn keel toen ik de tekst doorstuurde naar een vriendin. Ik kon mijn tranen dan ook niet verbergen toen ik later een berichtje van haar kreeg via Whatsapp: “Nu houd ik nog meer van je!”. Of die onverwachtse reactie van een man: “Wat ben jij een stoer wijf!”.

“Als iets de spanningen in mijn lijf, die ik in al die 40 jaar heb opgekropt, kon ontladen dan is het wel openheid.”

Soms heeft het leven iets heel anders voor je in petto. Mijn carrière is heel anders gelopen dan ik had gedacht. Ik ben mijn creativiteit gaan stoppen in het maken van deze site. Het helpt mij maar mijn doel is ook om vele anderen te steunen en te inspireren. Ik ben inmiddels een BBN-er: Een Bekende Bipolaire Nederlander. En daar ben ik enorm trots op.


mind

Jouw verhaal doet er toe! 

Week 18 staat in het teken van openheid. In die week van 1 mei tot en met 4 mei organiseert MIND samen met 3FM de #openup week. Op radio 3FM komen vier dagen lang jongeren aan het woord die openlijk vertellen over hun ‘stoornis’.

Carolien (22) en Tijmen (26) vertellen over hun depressie. Nick (22) over zijn angststoornis en Karo (23) over haar CPTSS (Complexe Post Traumatisch Stress Syndroom). Daarbij komen er ook psychologen aan het woord.  Do you MIND?

TEDx by Sharon Sutton

TEDx Speech by Sharon SUTTON.
Durham Marriott Hotel Royal County.
Saturday 11th March 2017.

So, what do you do when you get a diagnosis of Bipolar Disorder?

When I got mine in 2013, along with my prescription for a box of mood stabilisers in tow, I didn’t know what to do. Whether to tell anyone or what was to lie ahead for me. But what I did want to know was what it meant and what I was going to do about it. For about a month I kept relatively quiet about my Psychiatrists recent conclusion, however, eventually it appeared to be no secret.

17270876_10154564030128235_1897513793_n

For anybody that is unaware of what bipolar disorder is, it was formerly known as manic depression and it can affect your moods by swinging from being in a depressive to an elevated state. It’s common and can affect 1 in every 100 adults. Many people like myself are usually diagnosed when depressed.

Bipolar disorder results in just over a 9-year reduction in expected life span and as many as one in five patients with bipolar disorder succeeds in taking their own life. Although bipolar disorder is equally common in men and women. Research indicates that approximately three times as many women as men experience rapid cycling. Bipolar disorder affects nearly 6 million American adults or about 2.6% of the U.S. population age 18 and over every year.

Side effects can include a range of symptoms from having difficulty in concentrating and remembering things, difficulty sleeping, hallucinating, self-doubt, lacking energy, to being irritable, easily distracted, talking quickly, being overjoyed, hyperactive and having racing thoughts. Mania is an extreme elevated state which can include extremely risky behaviour but I myself have never experienced it.

I have experienced hypomania though. In some of my depressive states I haven’t left the house for weeks except for school runs. I’ve cut off the outside world and barely looked after myself. On the other hand, I ‘ve jumped up and down on the bed randomly in the middle of the night being full of adrenalin along with my bedroom window wide open whilst singing loudly to the birds. All while not caring who is listening or who I may potentially annoy.

So, you’re probably wondering how all this came about?

Well, I think that my mental health problems began when I was approximately 16. I had never known much middle ground in my life. But what I knew, as did others, was that I was different. By now I was told that I stood out from most people and I liked it. I never once wanted to blend in. Unfortunately, a year before I moved out, so I will have been about 15 years old, I spent mixing with the wrong crowd of people by getting into trouble and I was up to nothing but pure mayhem. I’m ashamed to admit that I think I became a dreg of society within that space of time.

At just 16 years old I moved out of the family home and spent 9 years in an abusive relationship with a psychopath. I was bullied, spat on, conditioned, spoken to like I was worthless, controlled and stalked. Mentally, financially, sexually and physically I was abused and so this was the beginning of a downward spiral in my mental health. I sometimes had knives held to my throat and at one point I even had a fractured left hand and bruises on my body. It wasn’t easy to walk away from the life that I had and it was easier to put up and shut up.

Whilst I was in this relationship, age 19 by now, I took on a Fish and Chip shop for 6 years with help from family members to buy it. Not one of my best ideas, but most definitely a learning curve I must admit. I had a love hate relationship with my business. I say this because it was what put food on my daughter’s plate and what I wanted at the time, so that I could have more stability in my life. On the bright side, my shop was listed as one of the top 50 in the UK and the only one north of Whitby to get the Sea Fish Industry Authority Award; it was ranked alongside a celebrity chef’s fish and chip shop and mentioned in numerous national newspapers and magazines. Radio interviews followed as did photographer’s randomly turning up at my shop to get their share of photos of myself with the award. To say it was rather surreal was an understatement. It’s on my wall in my house right now and I am proud of that achievement. Nevertheless, the roller coaster of my life continued.

I was about 7 months pregnant at the time with my eldest daughter and my life literally changed overnight.

After my ex tried to unsuccessfully take mine and my daughter’s life in a car crash, I felt like I had to finally take matters into my own hands. However, I found myself being too scared to move on in my life. So, I drove in front of a lorry head on instead. I clearly didn’t know what I was thinking at the time. Luck was obviously on his and my side that day. The only thing that stopped me from driving into the lorry was the driver flashing his headlights and at that moment I swerved my car to miss it.

I was alive but sick of my life. I didn’t want to die, I just wanted my pain to end. It was more of a cry for help. I felt exhausted in every way and I wanted to leave the world behind as I thought it was my only way out. From the outside looking in it would have appeared that I had everything. A family, a business, a house and a car. This was maybe the case, but behind closed doors it was a different story. A house it was, but a home it was not. My then partner never did find out about my suicide attempt and so my life went on everyday like Groundhog Day.

After some time, I finally dared to move on. I sold the business and moved house with just me and my eldest daughter. I spoke to the Police about my violent past and unfortunately with my case being historic by then and the fact that I had little proof of what I had experienced they couldn’t really help me. I wanted to help others not to go through what I had, so I started work as a Police volunteer in Domestic Violence, Adult Vulnerability and Child Abuse Investigation. I sometimes spoke to victims, signposted people for help and I typed hundreds of transcripts of Police interviews ready for court. I loved what I did.

I met someone else, moved house again, had another child and eventually started married life. I was in the relationship for about 4 years before we parted ways. My complicated personal life continued. Disastrous toxic relationships followed, but at the same time without what has happened in my life, I wouldn’t be here and where I am today. It’s now 2017, roughly ten years since I was at my lowest point in my life, now I’m stood telling you my story, pleased that I failed at my suicide attempt.

In just over 3 years what have I done with that diagnosis then?

Well, to aid myself to getting on the path to a better life I decided to teach myself what it was all about and the rest is basically history. From then I set up a Facebook page called Me, Bipolar & I to help people with Post Traumatic Stress Disorder, Depression and Bipolar Disorder, of which I have experience all. Today that page has over 12 thousand followers worldwide, is recognised by The International Bipolar Foundation in the USA, and is looked at by Police forces, Psychiatrists and all sorts of different people.

17273971_10154564030428235_2083987704_o

From there I’ve looked for things that I can do and be part of. I’ve been involved in TV & scientific research, co – delivered Bipolar Disorder classes in Recovery College & University, helped raise awareness by speaking to support providers, met celebrities and spoken about mine and their experiences to them, contributed to clinical assessments, educated myself, done interviews, worked in a mental health hospital & community mental health team, become a member of different mental health charities, joined a drop in group as a volunteer, met with staff in local businesses to try and educate them, had my thoughts put in front of parliament members and even won the former Deputy Prime Minister’s Mental Health Hero Award in 2015, out of 900 nominations there were approximately 40 UK winners of which I was 1 of 3 in the North East of England to get it. The award is on my wall at home along with my Fish and Chip shop award.

I try to be an advocate by speaking out, blogging and campaigning by breaking the silence, and if more people, like myself, spoke out about mental illness there would be a lot less stigma and discrimination within society. I speak for the silent, but together we can be stronger in numbers. You know, when we learn how to work together versus against each other, things might start getting better.

So, after years of being on different medications I have been totally free of them for over 8 months now and I find that weight lifting and boxing benefit me too. I help my new partner and he helps me as we both have experience of mental health problems.

I don’t let Bipolar Disorder get in my way with what I want to achieve. It’s not an excuse but an explanation of my behaviour, and just sometimes, having bipolar disorder means waking up not knowing whether Tigger or Eeyore maybe making my decisions for me!

It doesn’t rule my world nor define me, but it fuels my passion and inspires me. To be honest, without Bipolar Disorder I don’t think that I would be as mentally strong as I am today. I find it a curse at times, but more definitely a blessing, and from it I now have a passion and a purpose.

“If there is one thing that you could take away from this speech, then please remember to try to see the person and not the diagnosis.”

Change your fears, change your boundaries, change your limits and thus.
Choose your hobby as your job.
To go somewhere even if you have no idea where the road will take you.
Choose to be excited about your next idea whatever it may be.
To move out of your comfort zone.
Choose health and to look after yourself.
To help people even when you don’t want to help yourself.
Choose to be the person that you would want to know.
To smile at the person who isn’t smiling back at you.
Choose to be different and to stand out.
Not to be consumed by everything.
Choose your thoughts not to be controlled by society.
Not to be told what to do.
Choose not to let trivial things get to you.
To be inspired by whatever may inspire you and to laugh when it’s totally inconvenient to do so.
Choose to be the person that everyone wants to genuinely know.
To love the life, you live.
Choose experiences over possessions.
To never give up.

CHOOSE LIFE!

Stabiel door medicijnen

Tekst: Daphne

Al zo’n drie-en-een-half jaar ben ik stabiel. Ik heb een bipolaire stoornis, maar ik merk er niet zoveel meer van. Nee, dat is niet waar. Ik merk de bijwerkingen van de medicijnen. Die wel. Maar (hypo)manieën of depressies? Nee. Psychotische verschijnselen? Nee.

En dat geeft rust. Heel veel rust. Ik hoef niet meer bang te zijn hoe mijn stemming er morgen uit zal zien. Ik hoef niet meer te overwegen of ik wel of niet naar dat feestje zal gaan. Ik kan gaan want ik weet dat ik niet ontregeld zal raken.

Hoe is het zo gekomen? Ik heb de juiste medicijnen gevonden. Ik had al het geluk dat ik op Lithium zeer goed functioneerde waardoor vooral die verschrikkelijke depressies tot het verleden behoorden. Ik had nog wel last van hypomanieën waardoor ik in 2010 twee bruiloftsfeesten in verhoogde staat van zijn heb meegemaakt. En in 2012 liep het goed uit de hand. Ik raakte voor de tweede keer ernstig psychotisch en moest opgenomen worden. De 50 mg Seroquel die ik slikte bood niet genoeg bescherming. Na effectieve toediening van Zyprexa, therapeutische sport en spel tijdens de opname, die een maand duurde, was het ergste van de psychose wel voorbij en mocht ik met ontslag. De Zyprexa en de kalmeringsmiddelen werden afgebouwd en ik deed het weer goed. Praktisch op alleen Lithium.

Toen was ik op een dag in een mooi natuurgebied. Het was een warme dag dus ik ging even liggen soezen in de schaduw. Plotseling zei iemand tegen me: “Ik houd van je”. Ik keek om me heen. Niemand te zien. Ik hoorde het weer heel duidelijk. “Ik houd van je”. Het moest uit m’n hoofd komen. In mijn hoofd sprak iemand tegen me. Het was niet eens zo heel vreemd of eng. Het was eigenlijk heel fijn.

Na het weekend vertelde ik over mijn ervaring toen ik meedeed aan de Sociaal Ritme Therapie. Er werd gelijk groot alarm geslagen en mijn spv-er werd er bij gehaald. Door de paniekzaaierij was ik vooral heel erg verdrietig en zat ik dan ook heel hard te huilen in de kamer van mijn spv-er. Zij riep er een psychiater bij en zei: “Daphne, schizo-affectieve stoornis”. Toen ik dat hoorde ging ik nog harder huilen. De psychiater schreef mij Haldol voor. Twee milligram. Het was voor mij een nieuw middel. Toen ik weer wat gekalmeerd was, zei ik: “Ik ga het vandaag niet halen want mijn apotheek zit een eind weg. Ik haal het morgen wel”. Ze wisselden blikken uit maar gaven mij toch het recept mee.

medications-257346_640

De volgende dag haalde ik de pillen op bij de apotheek en diezelfde avond begon ik met slikken. Na een paar dagen merkte ik al verschil. Mijn gedachten gingen niet meer zo alle kanten op en ik hoorde geen stemmen meer.

Sindsdien, augustus 2013, slik ik Haldol. Ik vind de bijwerkingen ongelooflijk vervelend, hoewel die minder zijn geworden nadat ik de dosering verlaagd heb tot een milligram. De eerste keer dat ik dat probeerde kreeg ik hele nare stemmen in mijn hoofd die dingen zeiden als: “Je vader gaat morgen dood”.

Toen heb ik nog een tijd twee milligram geslikt totdat ik echt omlaag wilde. Dat is toen wel gelijk goed gegaan. Sindsdien ben ik stabiel op 1200 mg Lithium en een mg Haldol. En ik slik 25 mg Quetiapine om te slapen. Wat wèl een terugkerend patroon is, is dat ik in de zomer meestal zo’n zes weken achter elkaar matig depressief ben. Dat is dan in de zogenaamde komkommertijd.

De stabiliteit brengt me veel. Ik moet naast de medicatie natuurlijk leefregels in acht nemen en goed voor mezelf zorgen. Maar de medicijnen vormen wel een solide basis waar ik op kan bouwen. Ik ben heel blij en dankbaar dat ze goed voor me werken. Ik heb wel gehoord dat Lithium voor één derde van de mensen met een bipolaire stoornis wel werkt, voor één derde een beetje en voor één derde helemaal niet.

“Wat ben ik blij dat Lithium goed werkt bij mij.”

Haldol is een effectieve psychose-onderdrukker. Het is niet voor niets de oudste die er bestaat. Helaas onderdrukt de Haldol naast de psychose ook andere dingen, maar dat is voer voor een ander blog.


IMG_2931

Mijn naam is Daphne. Ik woon in de buurt van Leiden met vriend en hond. Ik heb twee keer in mijn leven een ernstige psychose met opname gehad en verder de nodige ups-and-downs waardoor ik al 12 jaar het predicaat bipolair I draag. Door mijn psychosegevoeligheid is er ook wel het stickertje schizo-affectieve stoornis op geplakt. Ik houd van schrijven, lezen, muziek maken, zingen, toneelspelen en lesgeven.

Momenteel schrijf ik aan mijn eerste boek, over de ervaringen met mijn eerste psychose en opname. Ik heb een eigen blog:

www.daphnethijsse.wordpress.com

Het verhaal van Lonneke

Dit stuk verscheen eerder op de website ‘Zet een streep door discriminatie‘.
Deze koepelcampagne is een initiatief van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).

Lonneke is 32 jaar. Tijdens haar studie geneeskunde werd bij haar een bipolaire stoornis met een persoonlijkheidsstoornis vastgesteld. Ze woont in Leiden met haar kat Colette.

‘Alleen met medicatie en leefregels, zoals ritme en regelmaat en gedoseerde hoeveelheden stress, is het onder controle te houden. Tussen de episodes kan ik ook weken of maanden stabiel zijn. Er zijn ook mensen met een bipolaire stoornis die zelfs jaren stabiel zijn.’

‘Mijn bipolaire stoornis houdt in dat ik afwisselend depressieve en hypomane (uitbundige, drukke) perioden heb. Bij een depressie ervaar je totale leegheid. Je kunt er wel een uur over doen om je aan te kleden. En boodschappen doen is al helemaal een opgave. Daar staat tegenover dat je tijdens een hypomanie alleen maar het positieve ziet en overal zin in hebt. Dat is heerlijk, maar de schaduwzijde is dat je jezelf uitput. Daarna beland je weer in een depressie.’

Reactie van de omgeving is belangrijk
‘Ik zou willen dat psychiatrische aandoeningen minder omgeven zijn door een stigma. Ik ben altijd erg op mijn hoede in hoeverre ik open kan zijn over mijn beperking. Gelukkig doe ik heel fijn werk. Ik ben actief op het partijbureau van de PvdA. Al mijn directe collega’s kennen mijn sterke en zwakke punten. Daardoor kom ik optimaal tot mijn recht.’

‘In het verleden kon ik niet altijd zo open zijn. Daardoor functioneerde ik minder goed in die omgeving. Nu is dat totaal anders. Mijn leidinggevende remt me bijvoorbeeld af als ik in een hypomane periode teveel hooi op mijn vork dreig te nemen. Hij neemt me tegen mezelf in bescherming. Dat is erg fijn, want zelf heb ik de neiging om altijd maar door te gaan. Ik heb een enorme bewijsdrang.’

‘In mijn ideale wereld wordt er geen onderscheid gemaakt tussen psychische en lichamelijke aandoeningen. En als ik het vanuit mijn medische achtergrond bekijk, ís er ook geen verschil. Je gaat naar een cardioloog als er iets met je hart is. En je gaat naar een psychiater voor je psyche.’

‘Gelukkig ben ik gezegend met een vriendenkring die me altijd normaal heeft behandeld. Ze zien mijn psychiatrische aandoening als iedere andere ziekte. Hopelijk komt het ooit zover dat de rest van de wereld er ook zo over denkt.’

Tips van Lonneke
Drie tips voor de omgang met mensen met een psychische aandoening:

  • Zie ons voor vol aan. We zijn volwaardig leden van de maatschappij.
  • Probeer een psychische aandoening te zien als iedere andere (lichamelijke) ziekte.
  • Nodig eens iemand met een psychische aandoening uit voor het eten of ga samen boodschappen doen. Zo is die persoon uit zijn of haar huis en onderneemt hij dingen. Dat lukt hem niet altijd als het niet lekker gaat.

Leiden, 5 januari 2017 - Lonneke
Foto: Phil Nijhuis

Klik hier om de videoboodschap van Lonneke te zien.

Hyperdepiep

Tekst en foto: Petra d’Huy

‘Ik pas’. Het blauwe bandje lag vanmiddag in de brievenbus en hangt nu demonstratief aan mijn pols. In Zeeland is de GGD een project gestart om mensen bewust te maken van hun alcoholgebruik. Het armbandje werkt als reminder…en voor mij niet alleen om een maand ‘nee’ te zeggen tegen alcohol. Het was vast geen toeval dat hij vandaag op de mat lag.

img_6061

Niet alleen mijn wijnglazen staan leeg in de kast. Ik ben zelf ook helemaal leeg. Drie weken geleden ben ik begonnen met de cursus Werken Met Eigen Ervaring bij Emergis. Een eitje toch? Ik heb al 18 jaar ervaring in het herstellen van een bipolaire stoornis met psychoses. Die cursus kan niet moeilijk zijn. Maar wat heb ik mij vergist. Niet dat de cursus moeilijk is. Inhoudelijk geen probleem. Ik put uit genoeg ervaringen en ik ben gewend om die zo nodig op tafel te gooien. Of zelfs op een groot podium. Maar wat zo’n ochtend van drie uur luisteren naar andere ervaringsdeskundigen met mij doet, heb ik toch onderschat. Het voelt tijdens het luisteren naar de verhalen van de andere cursisten niet alsof hun problemen mij erg raken. Ik denk dat ik mijzelf er wel voor kan beschermen. Gewoon niet té aandachtig luisteren. Ik wil de ‘shit’ van anderen niet mee naar huis nemen. Iedereen moet leren zijn eigen problemen op te lossen. Zelfregie, daar ben ik voor. En ik heb daarbij al genoeg aan mijzelf. Maar met een lichaam vol spanning kom ik die eerste woensdagmiddag thuis. Weg filter! En dan heb ik het niet over die drie of zelfs vier bakken koffie die ik die morgen uit de koffiemachine heb getrokken. Misschien ook niet zo’n goed idee geweest.

In plaats van dat ik die middag écht naar mijn lichaam luister en mijn rust neem. Even op adem kom voordat mijn zoon en dochter het huis weer binnenstappen en mijn man met knorrende maag de sleutel in het slot steekt. Een klein wandelingetje maak met de hond. Of een rustgevend muziekje via Spotify opzet. En dan het liefst in een mooie taal die ik niet kan verstaan zodat mijn geest niet hoeft na te denken. Of dat ik een lekker geurend wierrookje aansteek. Met een dekentje op de bank ga liggen. Of even het VGZ-mindfulappje op mijn Iphone start.

Nee, ik ren naar de keuken. Mijn jas nog aan. Rust? Daar vraagt mijn overactieve geest niet naar. Die fase is al voorbij. Mijn hoofd wil verdoofd worden. Lamgelegd. Even niets meer voelen. Geen prikkels van buiten meer ontvangen. En.. uit ervaring heeft mijn geest geleerd dat suiker hét antwoord is. Of tenminste zo heb ik vanaf mijn puberteit mijn geest geconditioneerd. Zichzelf compleet laten bevredigen met zoetigheid…op korte termijn dan. Dat ik mij die avond in bed zwaar klote voel, laat ik hier even buiten beschouwing.

Ik heb geen geduld om een boterham te smeren en pak een eierkoek uit de kast. Nog een. Oh, in de buffetkast hadden we nog wat chocolaatjes liggen. Voor ’s avonds bij de koffie. Het is 85% puur, dat mag. En het is eigenlijk voor mijn man, daar kan hij namelijk zo van genieten. Mijn bloedsuiker springt alle kanten op en mijn stemming doet lekker mee. Al die extra energie in mijn lichaam. Ik voel mij beter. Nee, ik voel mij goed. Misschien iets is té goed. En zoals mijn psychiater zou zeggen … een gevalletje hypomaan. Er volgen die weken daarna nog meer leuke afspraken. Maar ook minder leuke dingen. Kleine irritaties die ik ook weer een plaatsje moet geven in die rommelige bovenkamer van mij. “Dit houd je niet lang vol meid’, hoor ik mijn vriendin zeggen. “Ja, ja…ik weet het. Leren doseren”. En inderdaad vandaag, drie weken later, komt de klap. Je hebt de touwtjes namelijk niet altijd in handen, al denken we zelf vaak wel.

Morgen is het woensdag. Mijn derde les. Ondanks dat ik als een vaatdoek op de bank lig, heb er zin in. Teveel zin? Nee, ik heb mijn eigen lesje geleerd. Vanavond gaat er geen druppel alcohol in. Wel een slaappil. Ik pas.

Ik worstel en kom boven

Tekst en foto’s: Ringo van der Stel

De eerste ervaring die mijn herstel aankondigde was mijn opname bij verslavingszorg om behandeld te worden voor mijn alcoholverslaving. De opname duurde drie maanden. Tot die opname had ik een solitair leven. Ik deelde mijn diepste problemen en gevoelens nooit met iemand omdat ik mij daar te trots voor voelde en ik niemand in de buitenwereld genoeg vertrouwde. Dit idee werd in de verslavingszorg doorbroken. Ik kreeg voor het eerst een gevoel van veiligheid. Een gevoel van vertrouwen. Ik durfde over mijn problemen te praten en deze te delen.

Al in de eerste week kreeg ik van een verpleegkundig specialist een citaat van Groucho Marx, een Amerikaanse Joodse komiek (New York, 2 oktober 1890 – Los Angeles, 19 augustus 1977).

16507808_1191520934297602_2331339729766236788_n

Hoe eenvoudig het citaat ook klinkt, het is voor mij wel de dagelijkse reminder waar mijn motor op draait. Uit de slachtofferrol, acteren en besluiten nemen op eigen kracht.

Binnen de kliniek ben ik voor het eerst in aanraking gekomen met haptonomie en mindfulness. Door de haptonomie heb ik weer leren voelen. Bijvoorbeeld wanneer iets goed voelt of wanneer de druk voor mij te hoog wordt. Eenvoudige gevoelens die ik nooit zelf ervaren heb. Dit was voor mij als een soort van openbaring. Voor mijn opname was mijn leven net een sneltrein. De obsessie voor iets was mijn motor. Zodoende hoefde ik nooit na te denken over mijn eigen problemen en gevoelens. Een obsessie duurde hooguit twee jaar en daarna was ik totaal uitgeput. Een nieuwe obsessie liet mij iedere keer weer herleven. In alle gevallen betrof het altijd een nieuwe baan!

De allerlaatste obsessie was helaas de alcohol. Door mijn obsessieve gedrag heb ik veel ongevallen gehad in mijn leven. Van brandwonden, snijwonden, vingertopje eraf etc. Ik mag achteraf heel dankbaar wezen dat ik nog leef.

Met het 2e handvat dat ik van Emergis aangereikt kreeg, heb ik de absolute grip gekregen op mijn gehele problematiek. Dit handvat heet mindfulness. Een heel erg krachtige tool. Leven in het moment. Superbewust. Bewust keuzes maken. Weten welke gedachtes er in je hoofd spelen en deze nu kunnen sturen zodat er niet een onverklaarbaar gevoel opkomt.

Ik heb binnen mindfulness mijn eigen weg gevonden. En niet de dagelijks bekende bodyscan of mediteren maar simpele toepassingen zoals: bewust eten, douchen, muziek luisteren, fietsen én genieten van de omgeving i.p.v. zo snel mogelijk een bepaalde afstand afleggen. Ook de dingen die ik koop, koop ik bewust en niet meer impulsief. Ik geniet tegenwoordig met volle teugen van het leven, zoals nooit tevoren. Ik waardeer het.

Mijn belangrijkste, onverwoestbare pijlers die bijdragen aan mijn stabiliteit zijn naast mindfulness, een fijne dagbesteding, mijn sport ‘Krav Maga’ en een goed sociaal netwerk. Iets wat ik hiervoor nooit eerder heb gehad omdat ik leefde om te werken. Maar ook vaste structuren zoals een vast dag/nacht ritme, vaste momenten voor ontspanning, vaste eettijden et cetera.  Ik heb al langere tijd een niveau aangetikt wat ik nog niet eerder bereikt heb in mijn leven en ben vastbesloten mij hier te handhaven.

Soms hoort hier tegengesteld gedrag bij, het zogenaamde contragedrag. Omdat ik goed voor mijzelf moet zorgen, moet ik andere mensen wel eens teleurstellen. Maar dat maakt mij tot wie ik nu ben en daar ben ik meer dan trots op. Al enige tijd speelde ik met de gedachte om iets met al mijn kennis en ervaringen te gaan doen. Iets wat ik al op kleine schaal doe binnen mijn eigen werkplaats. Werken met mensen en anderen helpen is mijn passie. Ik hoop in de toekomst in de zorg te kunnen werken en waar mogelijk mensen dezelfde problematiek en ervaringen stappen te laten maken in hun herstel.


 

16652593_1194657487317280_1203659974_n

Ik ben Ringo van der Stel (41 jaar). Ik ben bekend met: verslaving, autisme, borderline, manische depressiviteit, psychoses en obsessieve compulsieve persoonlijkheidsstoornis. Dit is allemaal voortgekomen uit een late diagnose van autisme. Voor mij was het zeer lastig om een keuze te maken uit de vele ervaringen die ik heb. Graag wilde ik ze allemaal met jullie delen. Het mooie is dat ik er nog steeds ervaringen bij krijg. Ervaringen die mij gemaakt hebben zoals ik nu ben en hoe ik nu het leven sta.

Klik hier voor de uitzending van Brandpunt (dinsdag 13 december 2016) waar ik voor ben geïnterviewd.

 

 

 

 

 

 

Een bipolaire stoornis heb je samen

Tekst: Luuk Brouwer (helaas overleden)

Ik ben Luuk en ben 46 jaar getrouwd met Renneke, ookwel: Rennie. We zijn in 1970 getrouwd in Amsterdam. In 1971 zijn we samen naar Den Helder vertrokken. Rennie als huisvrouw en ik ging werken bij de Koninklijke Marine bij de Onderzeedienst. In 1980 is onze zoon, Martijn geboren. In 1983 ben ik begonnen met een studie Begrafenisondernemer en medio 1984 zijn we verhuisd naar Bussum. Mijn vrouw is toen beheerder geworden van het rouwcentrum daar en ik werkzaam als uitvaartverzorger. Wij woonde boven het uitvaartcentrum met ons gezin.Mijn vrouw is nu 18 jaar bipolair, type 1. Daar komt bij dat ze verschrikkelijk kan beven en trillen. Alleen als zij in bed ligt, heeft ze er geen last van en kan ze haar rust vinden. In het begin wisten wij niet wat een bipolaire stoornis was maar zijn daar met lief en leed achter gekomen. Door mijn werk als uitvaartverzorger en ik niet zo vaak thuis was, kon ik het geen plekje geven. Maar onze zoon was altijd bij zijn moeder en deed alles voor haar. En het belangrijkste was: hij begreep haar.

Die tijd in Bussum hadden we een fijne huisarts. Hij woonde ca. zes huizen bij ons vandaan. In deze periode had Rennie last van migraine. Ook ging haar schildklier opspelen. Ze is daarvoor opgenomen geweest en heeft een jodiumkuur gekregen. Ook werd Rennie naar diverse psychiaters gestuurd omdat ze depressies had. De depressies waren vaak voorspelbaar. Drie maanden ging het bijvoorbeeld hartstikke goed en daarna was ze drie maanden van de wereld weg. Ik merkte dat doordat ze langer in bed bleef, de stand van haar ogen was anders en haar praten. Drie maanden later werd ze weer hyper. Dan moest alles volgens haar sneller gebeuren. Zij kreeg toendertijd hiervoor allerlei antidepressiva.

In 2013 zijn we allebei met werken gestopt. Tenminste… ik ben wegens ziekte van een college nog doorgegaan tot medio 2015 en toen vond ik het genoeg. We begonnen te kijken naar een appartement waar we weer gewoon konden leven. Eind 2015 zijn we verhuisd naar Vught en hebben nu een fantastisch apartement. Dicht bij onze zoon die docent is in Tilburg en daar ook woont.

engagement-rings-534473_640

We dachten dat het in Vught wel beter zou gaan. Maar het ging niet beter. Het werd alleen maar slechter. Mijn vrouw is in behandeling geweest bij de stichting Reinier van Arkel en heeft Lithium gekregen. Maar daar is ze vreselijk ziek van geworden. Drie weken is zij er enorm van gaan trillen. Ik heb er zelfs een video-opname van gemaakt. We zijn toen bij die stichting weggegaan.

Sinds ik met het werken gestopt ben en het van dichtbij mee maak, zie ik dat het leven met een bipolaire stoornis voor mijn vrouw verschrikkelijk is. Je vangt je vrouw op en helpt haar met de medicijnen en door samen naar de psychiater te gaan. En dan naar huis met eventueel nieuwe medicatie op zak. Hopen dat alles goed zal gaan. Gaat het toch fout, dan help ik mijn vrouw zoveel mogelijk door haar te laten slapen en nergens tegenin te gaan. Op zo’n moment leeft ze in een eigen wereldje. Een wereld die voor mij moeilijk te doorgronden en te begrijpen is.

Nu slikt zij alleen nog Seroxat en kan het aardig handelen. “Als het komt, dan komt het maar”, zegt ze. Vanaf december vorig jaar voelt ze zich gelukkig weer goed en onderneemt weer van alles.

Het blijft lastig om plannen te maken. Je weet nooit hoe het gaat en als het fout gaat dan moet je alles weer afzeggen. Accepteren dat je thuis moet blijven. Zo is het leven voor mij met een bipolaire partner. Het ene moment zwaar maar… het kan ook fantastisch zijn!


 

123_1484232269845_resized  125_1484232268294_resized