Maak kennis met Ruby

Tekst: Ruby van der Kuil

Hoi, ik ben Ruby, 21 jaar en studeer aan de hogeschool van Amsterdam in de richting Media en Communicatie. Ik schrijf, ik blog en ik heb een bipolaire stoornis, type 2. Sinds ik mijn diagnose heb gekregen, zet ik mij in voor openheid en begrip. Vandaag de eerste blog van en over  mij.

Ruby1

Wie ben ik?

Misschien hebben jullie al eens iets van mij gelezen. Ik ben namelijk schrijfster. Vorig jaar september is mijn eerste boek uitgekomen ‘Verbloemd‘ en nu ben ik bezig met mijn tweede boek. Ook blog ik al op mijn eigen website over het leven met een bipolaire stoornis. Zelf heb ik nu precies een jaar de diagnose. Het heeft mijn leven veranderd maar ik blijf er positief onder!

Wat ervaar ik?

Ik ervaar vooral veel onbegrip. Mensen die niet over bipolaire stoornissen willen horen, praten en weten. Maar soms gaat dat zelfs verder. Ik merk namelijk dat mensen al snel niet eens meer met mij willen praten. Ze zijn bang dat ze iets moeten doen of dat ik breekbaar ben. Zelf ervaar ik dat ik steeds beter in mijn vel zit en meer kan hebben dan ik dacht. Ik krijg goede ondersteuning, heb een goede psychiater en een lieve vriend die mij overeind houden.

Aan de andere kant ben ik ook heel bang dat ik alles onderschat. Als ik mijn testen nu maak en terugkrijg schrik ik vaak toch nog. Ligt dat aan dat ik vlak ben geworden? Of dat ik mijn gevoel heb afgesloten? Zelf zie ik dit toch als de grote ontdekkingsreis binnen mijn bipolariteit.

Wat is het plan?

Voor deze website ga ik eens in de drie maanden schrijven over mijn ervaringen en behandel ik de onderwerpen die de leden van de besloten Facebookgroep van Petra etcetera hebben opgegeven. Thema’s waar de leden graag over willen lezen. Zo ga ik de volgende keer het onderwerp ‘Relaties’ behandelen.

Hopelijk tot ziens en je kunt altijd reageren onder mijn blogs.
Ik ben ook heel benieuwd om jullie eigen ervaring te horen.

Liefs,

Logo


 

Lief zijn voor het kind in jezelf

Tekst: Anouk

“Hoe troost je een klein kindje”?
Deze vraag werd mij vorige week door m’n coach Marieke gesteld.

Als moeder van twee volwassen kinderen weet ik natuurlijk wel hoe je een kindje troost. Maar hoe troost je nu dat kleine kindje in jezelf? Volgens mij eigenlijk precies hetzelfde. Een kind heeft steun en begrip nodig door bijvoorbeeld als ouder lieve woordjes tegen hem of haar te zeggen of door een arm om het kind heen te slaan. Je voelt je als kind graag gewaardeerd maar het is ook belangrijk om op z’n tijd voldoende rust te krijgen. Allemaal aspecten die je als kind maar zeker ook als volwassene nodig hebt om zelfvertrouwen te krijgen. Maar dat kleine kindje in mij ben ik op de lagere school verloren. Hoe dan?

Ik werd op de lagere school gepest door drie etterbakjes. Jongens die, denk ik, op dat moment ook niet lekker in hun vel zaten. Op de middelbare school was ik die pesters kwijt en kreeg ik weer wat van m’n zelfvertrouwen terug. Ik begon aan de opleiding tot verpleegkundige. Zorgen voor mensen en met mensen omgaan was m’n passie. En ik ontmoette mijn huidige man, waar ik nu al bijna 30 jaar mee getrouwd ben.

desperate-2293377_640

Helaas bij de geboorte van m’n eerste kindje kreeg ik een postpartum psychose. Deze is nooit goed behandeld en heeft mij dan ook al veel ellende gegeven. Van een psychose had ik op 18-jarige leeftijd als jong verpleegstertje nooit gehoord. Nu 24 jaar verder, weet ik dat het heel je leven op z’n kop zet. Een aantal jaren geleden heb ik de diagnose bipolaire stoornis gekregen. Ook werd duidelijk dat ik hoog gevoelig ben, bijvoorbeeld: als er iemand boos naar mij kijkt, voel ik dit heel erg binnen komen terwijl die persoon misschien helemaal niet boos is.

Ik heb pas een nieuwe spv-er en heb regelmatig gesprekken met een ervaringsdeskundige. Na een paar gesprekken werd duidelijk dat ik nog altijd last had van die pesterijen op de lagere school.

Sinds twee jaar ga ik naar een coach die ook hooggevoelig is en zij voelt mij erg goed aan. Zij heeft mij inzicht gegeven in wat er gebeurt met je als je gepest wordt. En hoe ik het zou kunnen aanpakken om van dit negatieve gevoel af te komen zodat ik weer wat meer zelfvertrouwen kan krijgen. Ze zei: “Stel je eens voor dat je als meisje weer opnieuw op de lagere school zit en die jongens zitten jou te pesten. Wij staan zelf achter in de klas dit alles te observeren. Ik pak die etterbakjes aan en jij troost dat kleine Anoukje zodat ze weer meer zelfvertrouwen krijgt”. In mijn gedachten heb ik op dat moment de pesters uitgescholden en ze een flinke trap gegeven. Dat luchtte ernorm op!

Ik werk nu aan mijn groei van afhankelijkheid naar onafhankelijkheid door bijvoorbeeld minder hulp van hulpverleners te vragen en door minder medicatie te nemen. Op de cursus Werken met Eigen Ervaring die ik een paar jaar geleden bij de GGZ heb gevolgd, schreef ik een blog over de verschillende rollen die je als mens in je leven vervult. Volgens mij is de rol van ‘zelfverzorger’ het belangrijkste. Deze rol houdt in:

Neem tijd voor jezelf om te genieten,
je batterij op te laden en aan jezelf te werken.

Als je niet goed voor jezelf zorgt dan kun je je andere rollen, bijvoorbeeld die van echtgenote en moeder ook niet goed vervullen.


Mijn naam is Anouk en heb een opleiding tot A-Verpleegkundige gevolgd. Ik ben getrouwd en moeder van twee volwassen kinderen. Ik ben een High Sensitive Person.

Bij de bevalling van m’n eerste kindje heb ik een post partum psychose meegemaakt. Deze is nooit goed behandeld met als gevolg veel psychisch leed. Na 24 jaar ervaring ken ik verschillende triggers van mezelf. Een daar van is pesten.

Mijn beeld over mijn ziektebeeld

Tekst en foto’s: Lisa

Al jaren lang, nog voordat ik de diagnose kreeg, worstelde ik met heel veel complexe gedachten en intense gevoelens. Ze spraken elkaars geregeld tegen. Wat natuurlijk zorgde voor stemmingswisselingen. Door de herrie in m’n hoofd, bleef ik altijd hard op zoek naar mogelijke verklaringen voor mijn warrige gevoelens en ideeën. Soms had ik korte buien, maar vooral lange episodes. Ik heb de bipolaire stoornis type 1.

In alle stabiele fases tot nu toe, kreeg ik mijn hoofd weer redelijk helder. Door de juiste medicatie, de juiste hoeveelheid, maar ook het besef dat ik wel móést veranderen, wilde ik de controle terug kunnen krijgen.

Zie het eens als een schone lei of zelfs opnieuw ‘geboren’ worden in jezelf. Misschien is het wel herkenbaar voor je, maar voelt dit aan als een depressie. Ik zie het als een introspectieve fase en het grootste onderdeel binnen mijn herstel.

Echte controle heeft niemand. Je kan namelijk niet alles vantevoren voorspellen, maar wat je wél kan ontwikkelen is je ‘intuïtie’. Ik kan alleen daarbij komen, als ik genoeg rust in mijn hoofd heb. Eerst voelt het als een leegte (blank space), waarbij ik bijna het gevoel heb, mezelf kwijt te zijn.

IMG_4378

Maar nee, ik ben nooit weg geweest. Mijn echte ‘ik’ stond alleen meer op de achtergrond. Bedolven onder pijn, verdriet, zelfkritiek, maskers, spanningen, achterdocht of zelfs waanzin. Ik mag weer naar voren stappen. Bibberend en gestaag zet ik de eerste stappen.

De beslissingen die ik nu neem, kan ik vanuit mijn hart doen. Er is minder twijfel, minder onzekerheid, omdat ik nu dúrf te kiezen voor wat en wie het beste is voor mijzelf. Als ik voor mezelf kies, kies ik indirect ook voor mijn omgeving. Want dat is de consequentie. Maar dat kán ik dragen, omdat ik nog steeds veerkrachtig ben, me beschermd voel en mezelf meestal genoeg kan waarderen. Ondanks het vele vallen en weer opstaan.

Ik ben veranderd en ik verander nog steeds. En er zijn gelukkig nog steeds mensen, die van mij blijven houden. Ik ben nu enorm dankbaar dat ik zeven jaar geleden mijn diagnose heb gekregen en dat ik nog steeds groei. Steeds iets dichter naar mezelf.

Het gaat volgens mij niet om het feitelijke hokje waarin we worden geplaatst, maar de tools die je daardoor krijgt aangereikt zijn wel de dingen die je kunt gebruiken voor je herstel en daarna.

Tot slot; de beste vriend die je hebt, is jezelf. Wees dus lief voor jezelf.


IMG_5738

Lisa, 33 jaar, uit Nijmegen. Opgegroeid in Veldhoven met twee ouders die beiden de bipolaire stoornis hadden.

Ik heb geen broers of zussen. Mijn moeder kreeg kanker toen ik 19 jaar was. Ze overleed plotseling. Daarna ben ik uit huis gegaan en ben ik bij familie gaan wonen; bij een tante, haar man en hun kinderen. Mijn vader werd herhaaldelijk opgenomen met manieën . Mijn relatie met hem was verre van perfect, maar ik bleef wel contact houden.

In 2009 kreeg ik vrij spontaan een hele zware psychose, waarna ik medicatie kreeg maar nog geen diagnose. In 2010 overleed mijn vader door zelfdoding. Ik was niet thuis bij hem, maar een vriend die inwoonde vond hem in huis. Een jaar later ontregelde ik en kreeg ik een tweede psychose. Het was toen duidelijk, ik had net als mijn ouders ook de bipolaire stoornis. De zoektocht naar wat ik zelf precies had, was voorbij. De acceptatie was er meteen. Ik schrok er wel een beetje van, maar voelde me ook opgelucht.

Songwriting has become my vocation

Text: Emily Maguire

My name is Emily Maguire and I’m a singer-songwriter originally from London. I’ve released five albums on Shaktu Records, the independent record label I set up in 2003 with my Australian partner Christian Dunham. We were living in a shack on a goat farm in the Australian bush at the time and so we financed my first two albums by making and selling goats cheese. Since coming back to the UK in 2007, my songs have had a lot of airplay on UK radio and I’ve toured with major acts including American legend Don McLean.

In 2010, I published a book called ‘Start Over Again’, a very personal account of my experiences of dealing with bipolar disorder. I had done a lot of radio and press interviews by then and never mentioned the fact that I had a mental illness so I agonized over whether to publish it. My manager thought it might end my music career. But when the book was launched on the BBC on World Mental Health Day I was inundated with messages of support. Since then I’ve been able to talk openly about my own experiences. I’ve just finished a 3-month tour of psychiatric hospitals, singing my songs in locked wards across the south-west of England. I’ve discovered that being open isn’t about being brave, it’s about being liberated.

Having a bipolar mind defines my life; it’s not something I can just forget about. I’ve experienced the terror of two psychotic episodes in the past and so I watch myself like a hawk. But I’ve got much more confidence now in my ability both to manage the condition and to make the most of the benefits it brings me. As I’ve found creative fulfillment and a sense of purpose in my life, the illness has become in many ways enabling, not disabling. I regard all this energy in my head as something precious because it inspires my songwriting. Creativity for me is the silver lining to the bipolar cloud.

I’ve developed my own coping strategies and I’m very disciplined so it has got easier over time to deal with life on a rollercoaster. I get up early, I go to bed early, I don’t smoke dope anymore, I exercise, I meditate every day, I take my medication, I don’t hang around stressful people, I go for walks, I practice positive thinking, I laugh at myself, I don’t take too many things for granted. I make the most of the times I’m high to write masses of songs or compose instrumental music. When I’m low and have writer’s block, I go to art galleries to look at paintings and read lots of poetry to fill up my creative reservoir again.

“From being something I started doing to pass the time, songwriting has become my vocation.”

I grew up with no TV at home so playing music and reading books was always a huge part of my life. I learnt to play the cello, piano, flute and recorder from a very young age. I only got a guitar for my 21st birthday because I was ill for a long time with fibromyalgia pain syndrome and needed to do something to distract myself while I was stuck at home. When a friend suggested I should try writing a song it was a revelation, perfectly combining my love of poetry and music. Suddenly the illness became a complete blessing in disguise because I had all this time on my hands to write songs.

I’m a great believer in the power of music to make people feel better. The last time I was sectioned I was allowed to keep my guitar on the acute ward where, aside from singing endless Bob Marley songs with the other patients, I wrote a song called ‘Falling On My Feet’. Four years later, I stood on my own on stage at the Royal Albert Hall and sang it to 4,000 people. Recently I was very moved by the response to a music video for ‘Over The Waterfall’, the most direct song I’ve ever written about my experiences of bipolar disorder. One comment on Youtube said: “Listening to the lyrics brought me to tears. Dealing with this disease is such a lonely thing but hearing this makes me realize that I’m not alone.” And that, for me, makes it all worthwhile.


Emily-Maguire-2017-crop

A classically-trained multi-instrumentalist with five albums and two books to her name, Emily Maguire is truly “a talent to be reckoned with” (RnR Magazine), her strong, thought-provoking lyrics, supremely expressive vocals and spellbinding live performances winning her fans across the globe.

Living for four years in a shack on a farm in the Australian bush where she made goats cheese to finance her first two albums, Emily returned to the UK in 2007 and toured extensively with some of the world’s great singer-songwriters, including American legend Don McLean. Her third album Believer, released in 2009, received regular airplay on Radio 2 and was widely acclaimed in the music press, Maverick Magazine hailing it “a masterpiece”.

Emily’s much-anticipated fourth album, Bird Inside A Cage, followed in 2013. With its release funded entirely by her fans, Bird Inside A Cage was a bold departure from her previous recordings, while still retaining all the underlying trademarks of her emotive, lyric-rich songs.

As an advocate for mental health, Emily speaks frequently in the media about combating the stigma of mental illness. She has been featured several times on Radio 4 including Woman’s Hour, Loose Ends and Midweek, where she was interviewed by Libby Purves talking about her book Start Over Again, a deeply personal account of her experiences of living with bipolar disorder.

Following an intensive tour of Germany in 2014, while rehearsing for the recording of her instrumental album, Emily developed chronic tendonitis in both arms, forcing her to cancel all her gigs and leaving her unable to play her instruments for 18 months, which triggered a severe depressive episode.

Once recovered, she released her hauntingly beautiful fifth album A Bit Of Blue in 2017. Financed again by her fans, the album received rave reviews in the music press. Emily also published a new book, Notes From The North Pole, a collection of poetry, prose and lyrics.

Songs from A Bit Of Blue have been played on BBC Radio across the UK with the uplifting single For Free played on Radio 2.  Together with her partner and bass player Christian Dunham, Emily has been touring arts centres across the UK with a stunning new show, delighted to be singing her songs again and entrancing audiences wherever she goes.

She is passionate about songwriting, saying in a recent interview that “music to me is all about uplifting, comforting and inspiring people”.  In 2017, she was interviewed by Coronation Street actress Cherylee Houston for a Radio 4 programme called The Agony and the Ecstasy, talking about chronic pain, creativity and her bipolar condition.  She was also interviewed by Clare Balding for Radio 2, talking about her music, mental health and Buddhist faith.

Emily is now working on her instrumental album and looking forward to her next UK tour starting in February 2018. She is a patron of the mental health charity Restore.

‘I’d Rather Be’ from my latest album ‘A Bit Of Blue’, written after being diagnosed with bipolar disorder:

‘Over The Waterfall’ from my album ‘Bird Inside A Cage’, the most direct song I’ve ever written about being bipolar:

More info – including videos, songs, tour schedule etc – can be found at www.emilymaguire.com

Mijn bipolaire ervaring

Tekst en foto’s: Sander de Groot

In het voorjaar van 2010 maakte ik lange avonden en zat ik vol met veel energie.
Meestal bleef ik tot 02:00 of 04:00 op en speurde ik het internet af om bepaalde bevestiging te krijgen van ‘vlugge’ gedachten:

– Bij volle maan bijvoorbeeld communiceerde ik met een weerwolf;
– Ik zat mijn stamboom uit te pluizen want ik dacht dat mijn ouders mijn echte ouders niet waren;
– Vanuit de achterkant van mijn huis kijk ik uit op een verzorgingshuis. Stonden de zonweringen in een bepaalde stand dan haalde ik daar een boodschap uit;
– Ook sommige artikels in kranten en boeken waren voor mij belangrijk en deze moest ik aan anderen verspreiden via sociale media.

Ik had allerlei waanideeën en hallucinaties. Gedachten die niet klopten met de werkelijkheid.

Toen mijn ouders mij op een middag confronteerden met teksten die ik op het raam van mijn huis geplakt had, ben ik uit huis gevlucht. Mijn vader kwam mij achterna en reageerde emotioneel op mijn gedane feiten. Logisch. Ik heb mijzelf losgerukt en ben in een tegemoetkomende bus gestapt. In de stad ben ik ’s avonds laat eerst aangifte bij het politiebureau gaan doen. Er was toch niets mis met mij? En daarna heb ik een volle nacht gefeest in een discotheek waar ik anders nooit kwam. Ook veel alcohol gedronken die nacht.

De volgende ochtend ben ik met de trein naar een andere stad gegaan om contact te krijgen met een vriendin, maar die kon ik niet bereiken. In een hotel in het centrum kon ik geen overnachting boeken, wellicht zagen ze vreemde trekken bij mij, dus slapen zat er niet bij. Mijn mobiel viel ondertussen ook uit dus heb ik een trein verder gepakt en ben naar nog een andere stad gegaan voor het bevrijdingsfestival daar. Daar heb ik heel enthousiast gedanst. Ik zat immers nog vol met energie. Halverwege de avond, nog zonder te slapen, heb ik de trein en bus terug naar huis gepakt. Thuis heb ik door onzekerheid allerlei checks gedaan of er niets uit huis gestolen was. Ook plaatste ik allerlei onzin op Hyves over welk onrecht mij nu aangedaan was.

strand

De ochtend (6 mei) werd ik wakker door de deurbel. Twee politieagenten vroegen mij even mee te gaan naar het politiebureau een dorp verderop. Daar heb ik een ‘warrig’ verhaal gedaan en werd ik aansluitend naar een GGZ-kliniek gebracht. Onderweg dacht ik nog allerlei boodschappen te krijgen van nummerborden van auto’s. En nog steeds dacht ik dat er niets mis was met mij. Bij de GGZ heb ik een gesprek gehad met twee hulpverleners. Zij hadden een kamer waar ik kon bijkomen. Althans dat dacht ik. Ik werd geplaatst op een gesloten afdeling met deskundige begeleiding. Kleding van thuis werd door familie gebracht. Mijn ouders heb ik een keer aan de telefoon gehad daar. Ik was laaiend.

Na twee dagen raapte ik mijn kleren bij elkaar, stopte ze in mijn tas en dacht zo de afdeling te verlaten. Niet dus. Het was de gesloten afdeling. Toen kreeg ik een woedeaanval. Ik werd erop attent gemaakt dat zij niet instonden voor mijn eigen veiligheid en gezondheid. Medicijnen weigerde ik te slikken uit angst voor allerlei bijwerkingen. Een pilletje deed ik onder mijn tong en op het toilet later spuugde ik die weer uit. Heel slim van mij, dacht ik. Maar dat had men door en na een week kreeg ik een injectie in mijn bil. Zyprexa bleek achteraf. Ook kreeg ik dagelijks zuigtabletten en werd er gecontroleerd of ik die wel wegwerkte. Sindsdien werd ik langzaam beter en rustiger qua gevoel.

Uiteindelijk ben ik ruim vier weken opgenomen geweest op deze gesloten afdeling. Tijdens deze opname heb ik regelmatig ‘vlugge’ gedachten gehad en had ik waanideeën en hallucinaties. Stond er iemand in de keuken met een groot mes de groente te snijden, dan dacht ik dat men mij daar mij expres zou gaan verwonden. Of ik dacht dat er giftige dampen uit de ventilatieroosters kwamen. Als iemand een woord zei, in het algemeen, dan ging ik daar over nadenken.

Toen ik na langdurig overleg uiteindelijk overgeplaatst werd naar een open afdeling en niet dagelijks meer in conflict ging met andere psychiatrische cliënten, knapte ik daar ook van op. Wel deed ik via internet allerlei aankopen terwijl ik die eigenlijk niet nodig had. Totaal ben ik elf weken opgenomen geweest. Nazorg van een psychiater kreeg ik ook. De band met mijn beide ouders is inmiddels hersteld, maar dat ging niet zonder slag of stoot. Wel ben ik diverse vrienden kwijtgeraakt.

Een paar jaar later heb ik met familie bij dezelfde GGZ-kliniek zes avonden een psycho-educatiecursus voor cliënten en betrokkenen gevolgd. Daar kwam veel (h)erkenning uit.

Van een manie of psychose heb ik nu al zeven jaar geen last. Wel word ik nog dagelijks geconfronteerd met mijn overgewicht. Ik heb meer eetlust door medicatie en door een ongezonde levensstijl ben ik veel in gewicht gegroeid. In december 2016 ben ik na overleg met de huisarts naar een diëtiste gestapt. De eerste paar maanden van 108 naar 99 kg gegaan. De laatste tijd blijft dat stabiel. Dus gezond blijven eten en meer bewegen.


sander

Mijn naam is Sander, 40 jaar, single en ik heb een kat als huisdier.
Mijn hobby’s zijn wandelen, fotografie, webdesign en museums bezoeken.
Ook organiseer ik uitjes voor mensen met een beperking.

Striptekeningen van Klaartje

Tekst en tekeningen: Klaartje Coupé

Prentjes ‘deelname aan therapie’ en ‘muziektherapie’
Het  enthousiasme waarmee het therapeutisch personeel in een psychiatrisch centrum therapiesessies op touw zet én patiënten wil motiveren om deel nemen aan die activiteiten is hartverwarmend. Toch één bedenking: heeft elke patiënt aanleg voor of interesse in elke activiteit?

deelname therapie

muziektherapie

Prentje ‘hersteltherapie’
De herstelgerichte benadering richt zich op de kracht van mensen met een psychische kwetsbaarheid om zelf persoonlijke perspectieven te ontdekken om hun eigen leven weer op te bouwen. ‘Wat ondersteunt je? Hoe kan je kleine en grotere successen ervaren? Wat inspireert je in je herstelproces?’ zijn belangrijke uitgangspunten. Heel interessante werkwijze natuurlijk, maar op de meest ellendige momenten een tikje ironisch.

herstellen kan je zelf

Prentje ‘mindfulness helpt altijd’
Eén van de mooie principes van mindfulness is de stelling dat je zorgen niet samenvallen met de werkelijkheid. ‘Grijp je gedachte en zet ze op een wolk’.
Het klinkt gewoonweg prachtig. Maar lukt het in alle situaties?

mindfulness helpt altijd

Prentjes ‘tussen jouw oren’ en ‘op een dag’
Wie heeft hem of haar nog niet ontmoet? De hoogbegaafde medemens, die zonder enige medische kennis volledig zicht heeft op je diagnose en de ideale behandeling er van… Tot overmaat van ramp loop je bovendien een risico als je je te druk maakt over de onbesuisde opinie van dit soort ergerlijke figuren. De kans is immers reëel dat een felle reactie als een complete uiting van labiliteit wordt bestempeld.

op een dag

tussen uw oren

 

Prentje ‘alcolholic’
Doemgedachten die niet stil te leggen te zijn. Pijn die te hevig wordt om draaglijk te zijn. Grijpen naar foute maar op korte termijn effectieve middelen. Jezelf iets wijsmaken.

alcoholic

Prentje ‘stukjes zelf’
Blijf steeds jezelf, wordt vaak gezegd. Maar is elke ikzelf geen mix van
veel kleine zelfjes?

stukjes zelf


Klaartje Coupé (1981) had als kind al een eigen kijk op de wereld. Indrukken en sociale interacties zijn voor haar heel gevoelsgeladen. Soms is dat verrijkend, maar het kan ook knap lastig zijn voor haar en haar omgeving. Op haar 28ste werd ze voor het eerst opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis.

Na 12 jaar werken met senioren als maatschappelijk assistent heeft ze de moeilijke keuze gemaakt om haar loopbaan stop te zetten. Haar stressgevoeligheid en concentratieproblemen zorgden voor een te hoge werkdruk. Ze wordt momenteel behandeld voor stemmingswisselingen en angstproblemen.

klaartje

Ondanks alle moeilijkheden bekijkt Klaartje haar situatie het liefst met milde humor. Humor verzacht, daarom tekent ze graag cartoons over leven met een psychische kwetsbaarheid. In tegenstelling tot veel leeftijdgenoten heeft ze geen bucketlist gericht op spectaculaire ervaringen. Haar droom is om een gelukkig, gezond en vooral liefdevol leven te leiden.

PAAZ-break

Tekst: Roselien Brondy

PAAZ-BREAK is onderdeel van de nieuwe roman ‘ P(a)az op!’ wat Roselien aan het schrijven is en exclusief voor jullie vrij geeft als voorproefje. Het vorige hoofdstuk  ‘PAAZ-op!’  stond in het e-magazine van GGZ Totaal. 

Ik lig inmiddels paar dagen voor Pampus .. mijn vakantie is begonnen. 
Dat heb ik ruimschoots verdiend na hard studeren, toch? Een papiertje krijg je niet voor niets. Het is een en al sacrifice. Dit hoort bij mijn lot. God heeft het me al lang verteld. 
 Maar wacht eens de even.. Als God bestaat waarom heeft hij dit plan met mijn leven? Voordat ik antwoord kan bedenken val ik weer in slaap. 
Het is wel mooi zo’n PAAZ-Break, maar waar blijven de cocktails, lekker eten en bovenal waar is het zwembad? Ik zie alleen de binnentuin en mag de omgeving niet zien. Te gevaarlijk als toerist zegt het hotel personeel. Ik zeg hotel.. dit hotel is echt geen hotel en is al helemaal geen vier sterren waard. Laat staan twee ! 
Ik besef me steeds meer dat Hotel Californië niet hotel Californië is behalve dat je er waarschijnlijk bijna nooit uitcheckt. Ik besef me dat ik ben beland op de o nee… hé verdorie PAAZ! Nu na twee weken ben ik ontzettend versuft van die piep medicatie. Ik leefde in een hotel dacht ik. Maar nee, ik ben weer verdoemd…

architecture-2561129_640

Ik zing binnenin mezelf: ‘The PAAZ is ‘cold as ice’ en het personeel is ook zeker ‘So cold as ice’. Als ik lach tijdens het eten moet ik direct linea recta naar mijn kamer. Ik voel me steeds zenuwachtiger als ik eet. Straks moet ik vast naar mijn kamer? En, ja hoor nu dus weer! 
Ik schrijf in mijn notitieboek terwijl ik eten moet. Ik lust niks van dat vieze opgewarmde magnetronvoedsel. 
Ik zit nu op mijn tweede kamer. Ik wilde liever dat ik in de Tweede Kamer zat, dan was ik tenminste een kamerlid, dan was ik iemand en had ik nog een stem! Nu ben ik niemand en verdoemd te mislukken op deze godverlaten plek.

Mijn eerste slaapkamer had een camera , die heb ik omgedraaid . Ha, wat heb ik het personeel uitgelachen en mijn vriendin lachte zich ook rot en vond het een typisch Roselien actie:). Nu is de lol over. Ik mag alleen Mandela’s kleuren en op de gesloten afdeling blijven. Ik ben een dondertje in een porselein kast. Of how you will call it.

 Om de boel nog extra spannend te houden op de Paaz laten ze de ‘Walking Dead’ cast vrij op de afdeling. Een acteur ging de dialoog met mij aan.  Hij zei, dat hij mijn ziel in zijn robotspeelgoedkat zou stoppen. Hierdoor verbond ik deze nieuwe informatie aan het Hindoeïsme. Ik dacht dat mijn moeder een postduif was en de rest van de andere mede slachtoffers op de Paaz ’s avonds in vogels transformeerden. Ik zag genoeg aanwijzingen hiervoor.
Ik werd ontzettend angstig door deze gedachtes.

Het was zover; op de afdeling zat een Afrikaanse mevrouw die heette Go tomorrow . Dit was het teken dat ik morgen moest vluchten.
 
Ik had een plan bedacht: Als ik alle grote gebeurtenissen van tijdens en van voor mijn opname zou herhalen werd ik gered. Ik moest eerst een bekertje melk halen met of zonder honing. Want toen ik eerder wilde vluchtten mislukte mijn plan omdat ze dacht dat ik niet kon slapen en gaf me een huishoudmiddeltje; melk met honing.
(Deze verpleegster wist eigenlijk van mijn plan, maar wilde mij niet verraden. Dit bleek later).
Daarna moest ik douchen maar nu met kleren aan.
Ten derde gooide ik spullen weg. Dit had ik eerst gedaan voor ik werd opgenomen. Ten vierde moest ik over een hek klimmen.

De eerste nacht van mijn psychose klom ik over een hek van Michael. Ja ik versloeg de aarstengels barricade.
De nacht was aangebroken. De verpleging zat in het kantoortje oftewel de vissenkom. Yes ik heb vrij spel, dacht ik.
 
Eerst beviel ik van Jezus want ik dacht dat ik Maria was, daarna gooide ik alle bezittingen weg, vervolgens ging ik douchen en ten slotte drukte ik het noodalarm in, want ik had gezien als ik die knop indrukte dat ik ‘Sesam open nu kon zeggen!’ En ja het werkte. Wonder boven wonder had ik weer magische krachten.
Helaas ging het alarm ook af! De verpleging achtervolgde me alsof ik een crimineel was. Het leek wel de politie serie Grijpstra en de Gier. Alleen nu Grijp haar Roselien!
Ik was bij de deur; vlakbij de ontsnapping! De toekomst was nabij, maar helaas rende die wonder verpleegster (nog net niet met huismiddeltje) achter mij aan, dus rende ik met een schijnbeweging naar de noodingang en die deur was ook open gegaan! Ik klom binnen een minuut over het hek van 3,5 meter. 

Op het hek sloeg ik met mijn vleugels heen en weer en riep: ‘Waar blijven jullie mijn vogel vrienden , nu zijn jullie er niet he?!’In een fractie van een seconde voelde ik angst. ‘ Nee ik spring toch!’, dacht ik. Ik belande op mijn rug. Ik lag daar als een gewond dier op de grond en kon me amper verroeren. Ik had gelukkig toch de wilskracht om overeind te komen. Toen ik overeind krabbelde kwam ik de ontdekking dat ik niet ver kon lopen. Ik besloot toch eventjes dat ik door het enge bos kon lopen richting huis, maar nee dacht ik uiteindelijk. Ik moet terug anders val ik nog dood neer.

‘Niemand helpt me!’, riep ik uit toen ik weer naar binnen het ziekenhuis was. De Servicedesk medewerkers waren wonder boven wonder nog aanwezig. Ik dacht altijd dat ze ’s nachts altijd weer in de kast verdwenen, om vervolgens van negen tot vijf tevoorschijn te komen. Ze konden alleen uitkramen; ‘wie bent u?’
Voordat ik iets verder kon uitbrengen kwam Valerio de cipier met mijn bril in zijn handen naar me toe gerend en nam me mee als een crimineel.
’Je moet weer gaan slapen’, zei hij. ‘Ik Wil bij god zijn!’, schreeuwde ik alleen maar.
Hij antwoorde: ‘God bestaat alleen in je dromen.’
Dat deed mij zo boos en machteloos voelen en ik bleef wakker tot het ochtendgloren
De rest van de PAAZ- break protesteerde ik door niet met hem in zee te gaan en noemde ik hem ook steeds Valerio. Hij was niet die slachtoffer werd van een bijnaam. Maar die bijnamen ontdek je later…


Roselien
Roselien schrijft al van jongs af aan. Ze schrijft gedichten om haar gevoelens een plekje te kunnen geven. In augustus debuteerde ze met de bundel ‘Liefde is als een bloem’. En in 2011 kwam haar tweede bundel ‘De weg’ uit en gaat over haar eerste psychose. In de zomer van 2016 verscheen haar derde boek: ‘Ik weet hoe mooi je bent’. In deze bundel staan gedichten en korte verhalen over haar tweede en tevens haar laatste psychose.

Roselien werkt sinds een jaar als ervaringsdeskundige bij het Respijthuis in Amsterdam. Hier maakt ze een praatje met ‘gasten’ en verzorgt onder andere de avondmaaltijden.

Op haar website www.roselienbrondy.nl kun je ook andere blogs en gedichten vinden. Ook zijn alle drie haar dichtbundels hier te koop.

Onzichtbaar ziek

Tekst: Sophia de Vries
Foto’s: Patrick Selders

In 1996 brak een relatie die 8 jaar had geduurd en stond mijn leven op zijn kop. De route die ik voor mijn leven had geschreven viel in puin en er was veel verdriet. Tijdens deze periode kwam ik in aanraking met een nieuwe vriend en liet ik mij meeslepen in een hartstochtelijke relatie, waar ik ook in contact kwam met Cannabis.

Binnen een jaar verhuisde ik naar een totaal vreemde stad, kwam ik in hele andere kringen terecht en stond mijn leven weer op zijn kop. Dit maal ging het alleen niet goed. Ik raakte in een psychose en begreep de wereld om mij heen totaal niet meer. Meer dan een week heb ik niet meer geslapen en mijn toenmalige partner greep gewoon niet in. Na een week heb ik in een roep om hulp mijn ouders gebeld. Kom mij redden! Al kom je vliegend, rennend, lopend het maakt niet uit!

Er gingen allemaal alarmbellen af bij mijn ouders en ze zijn ook echt bijna vliegend naar mij toegekomen. In de ochtend kreeg ik bezoek van een huisarts, alwaar ik allerlei vreemde dingen heb geroepen en een gang naar de crisisdienst was de enige optie nog. Daar werd er gekozen voor een vrijwillige opname, maar daar weet ik echt helemaal niks meer van. Wat mij nog wel heel helder voor de geest staat, is de deur van de crisisdienst. Ik zag een uitweg naar de andere kant, door een andere deur over een balkon, ik kon vluchten! Gelukkig was het een korte gedachte en liep ik ondertussen al in de gang van de crisisopvang.

Een week heb ik daar gezeten. Gevangen tussen, naar mijn gevoel, allemaal gekken! Mensen liepen zenuwachtig over de gang, wilde sigaretten en praten ging niet want ik begreep er niets van. Zelf kreeg ik ook ontzettend veel last van loopneigingen. Dit bleek te komen door mijn medicijnen en werd makkelijk verholpen door een ander medicijn die ik daarna ook kreeg. Ik voelde mij primitief. Eten en drinken waren mijn vaste pijlers en nu … nog jaren later heb ik daar enorm veel last van. Als het eten door wat voor reden uitgesteld wordt, raakt mijn stemming volledig ontregeld.

Na een gesprek met een psycholoog ben ik eindelijk vrijgelaten. Zo voelde het ook echt. En heb ik een berg pillen mee naar huis gekregen en de opdracht, ze vooral maar te gaan slikken. Dat was tegen de verkeerde gezegd, want ik was toch niet gek!

“Deze medicijnen zijn zonder knipperen in de kliko gemikt. Die had ik niet nodig.”

Een opvoeding door ouders die totaal wars waren van de psychiatrie kwam hierin tot uiting. Ik was niet gek. Ik kon gewoon normaal functioneren. Echt wel!

Er volgden lastige weken. Ik had last van wanen en zware achterdocht, wilde de deur niet meer uit en gaf mijn toenmalige partner overal de schuld van. Hij was ziek en ik niet! Dat kon natuurlijk niet heel erg lang goedgaan en we zaten dan ook binnen no time weer bij de huisarts. Er hoefde nu geen opname te komen maar wel werd ik bij de dagbesteding neergezet en verplicht weer die vreselijke pillen te gaan slikken; Lithium, Impromen en Akineton.

Het heeft een dik jaar geduurd voordat ik weer een beetje vertrouwen kreeg in mijn eigen hoofd. En toen kwam ook een einde aan mijn relatie. Weer een zware periode: wisselen van behandelaar, van woonplaats en het starten met een nieuwe baan. Omdat ik nog altijd aan de Impromen zat, was mijn spraak wat sleets en ook had ik ontzettend last van het gevoel dat mijn hersens in een vierkante box gevangen zaten. Het afbouwen van de Impromen ging niet zonder slag of stoot. Ik heb het gekregen op waterbasis zodat ik kon druppelen. Langzaam elke maand 1 druppel minder, wat niet altijd goed ging. Weer een terugslag waar ik hard voor moest knokken om wel op de rit te blijven maar ik had een doel. Dit moest van mij uit mijn lijf!

Het is gelukt! De nieuwe baan is ook gelukt en zelfs een geweldige nieuwe partner is ook gelukt!

Toch is er ook schade. Voor mijn psychose was ik 80 kilo en nu ruim 130 kilo. Het afvallen gaat heel slecht en sinds 2014 heb ik er ook nog suikerziekte bij gekregen. Het is een gevecht tegen de stemmingen. Soms is de trigger heel duidelijk … honger. Ook de herfst/winter periode is een trigger. Het maakt mij somber en zorgen dat je toch nog de lol van het leven blijft zien is dan bijna een dagtaak.

21314281_1403678003085855_7785238544854150218_n

Rust is voor mij van essentieel belang. Ik heb geen bergen met vrienden/vriendinnen. Al die verplichtingen die daarmee gepaard zouden gaan, zijn al een berg teveel. Ik leef een rustig leven samen met mijn partner en drie super geweldige honden.

Graag had ik meer voorlichting gehad in de periode na mijn opname. Er waren nog niet veel brochures en ook was er niet veel op internet te vinden. Het niet hebben van kinderen is ook hierdoor gekomen. Mijn ziekte doorgeven aan een ander is voor mij een grote belemmering, dat zou ik niemand toewensen. Wij hebben samen gekozen dus kindervrij door het leven te gaan. Een bewuste keus en ik ben nu 45 jaar (bijna 46) en heb er geen spijt van.

Dit is dan in een volgelvlucht mijn ervaring met het krijgen/hebben van de diagnose Bipolaire Stoornis II (manisch depressief in de volksmond).


Mijn naam is Sophia de Vries, 46 jaar jong en getrouwd. Ik was directiesecretaresse maar nu ben ik volledig afgekeurd en vul ik mijn leven met wandelen, lezen en schrijven van verhalen. Sinds kort ben ik ook met Diamond Paintings bezig wat lekker wat afwisseling geeft.

21733300_1410629489057373_1250524415_n

Onze drie honden; twee Border Collies en een Pyreneese Herder,  helpen mijn dag wat structuur te geven.

Bipolair anders

Tekst: Ronald van Aalten

Sinds een aantal maanden ben ik lid van de groep ‘Werkende Bipolaire Mensen’ op LinkedIn. Echter, ik voldoe niet helemaal aan het profiel. Werken doe ik wel; als coach, therapeut en trainer, maar bipolair ben ik niet meer. Althans, niet in de zin van het hebben van een bipolaire stoornis. Wél in de zin van een geneigdheid tot uitersten. Ik herken de kern van de bipolaire dynamiek nog steeds in mezelf. Als ik de uitingsvorm van deze dynamiek afzet op een schaal van 0 tot 10 dan zit ik nu rond de 1. Dat is wel anders geweest.

Mijn manische psychose op mijn 18e scoort wel een 10 op deze schaal, de latere depressies zeker een 9 (afgewisseld met hypomane episodes: een 8). Op mijn eerste psychose na heb ik nooit medicatie gebruikt met als gevolg dat ik alle episodes ook ten volle heb beleefd. Geen aanrader!

Twee jaar van intensieve lichaamsgerichte therapie hebben me rond mijn dertigste verlost van de extreme episodes. Sindsdien ben ik nooit meer manisch, hypomaan of depressief geweest.

Wat niet wil zeggen dat mijn bipolaire dynamiek voorbij was. Een jaar of 6 geleden kwam deze dynamiek nog even flink tot uiting tijdens mijn opleiding tot Zijnsgeoriënteerd psychotherapeut. Ik schommelde een poosje tussen de pool van het supertherapeut zijn – iemand die iedereen kan helpen – en de andere pool, het gevoel een waardeloze prutser te zijn die er maar beter mee kon stoppen (rond de 5 op mijn bipolaire schaal). In de down pool voelde ik de trekkracht van de depressie: de deken van zwaarte die bezit van me wilde nemen. Evenals de bijhorende gedachten over hoe mislukt mijn leven wel niet was. Gelukkig was er al voldoende opgeruimd en had ik inmiddels voldoende vaardigheden geleerd om mezelf hier op een constructieve manier doorheen te begeleiden zodat de depressie niet tot ontwikkeling kwam.

“Door alle therapie die ik onderging in de opleiding werd het me duidelijk dat mijn bipolaire dynamiek sterk samenhangt met mijn inherente gevoel van waardigheid. Of beter gezegd, het ontbreken daarvan.”

Mijn waardigheid, eigenwaarde was in belangrijke mate gekoppeld aan mijn gevoel van capabiliteit. Mijn vermogen om iets te kúnnen. Zoals dus nu het vermogen om iemand te kunnen coachen. Met als gevolg grote inzet om maar succesvol te zijn en grote angst om te falen. Tijdens mijn eerste schreden op het coaching pad was ik dan ook vaak zo gespannen dat ik er niet veel van bakte.

Het doorzien en doorvoelen van deze koppeling maakte dat het contact met mijn inherente, natuurlijke waardigheid zich herstelde. Hierdoor is mijn prestatie-gedrevenheid en mijn faalangst fors minder geworden. Ik zit nu voor mijn gevoel tussen de 1 en 2 op mijn bipolaire schaal. Een zekere kwetsbaarheid is er nog steeds maar door de juiste zelfzorg is dat geen enkel probleem meer. Dingen die ik vroeger héél erg moeilijk vond door mijn grote stressgevoeligheid, zoals koken of spullen inpakken voor een vakantie, doe ik nu met gemak.

Bijna ben ik op mijn 28e gevallen voor het geloof dat de bipolaire stoornis erfelijk is en dat je er niet van kunt herstellen. Er was net een artikel verschenen in het vakblad Nature over de genen die manische-depressiviteit zouden veroorzaakten. Ik dacht ‘dan toch maar Lithium’ en deed een intakegesprek bij een psychiater. Gelukkig was het zo’n afstandelijke vervelende kerel dat ik van schrik niet meer terug ben geweest. Kort daarna bereikte ik een omslagpunt en loste mijn naderende depressie op om nooit meer terug te keren.

Inmiddels is men erachter gekomen dat het niet gaat om die paar genen waar men het toen over had in het Nature artikel, maar dat er honderden zo niet duizenden genen bij betrokken zijn, evenals allerlei epigenetische factoren. Ook is er na al die jaren onderzoek nog geen robuust biologisch bewijs gevonden voor de stelling dat de bipolaire stoornis een hersenziekte is.

Mijn stelling is dan ook dat ik vast niet de enige ben waarbij de bipolaire stoornis een gevolg is van energetisch-psychologische verstoringen. In mijn geval een diepe verwonding in mijn gevoel van eigenwaarde en zelfvertrouwen. Zoals het mij is gelukt om de bipolaire dynamiek terug te brengen tot zeer aanvaardbaar niveau, is dit denk ik voor veel meer mensen mogelijk. Het is dan wel nodig om diep in jezelf af dalen om de kern laag te kunnen helen. Therapieën zoals cognitieve gedragstherapie of interpersoonlijke therapie bieden hiervoor onvoldoende emotionele diepgang. Gelukkig zijn er aardig wat complementaire therapieën die dit wel in huis hebben.


ronald van aalten 2016

Wil je meer weten over mij en mijn visie op de bipolaire stoornis?
Kijk dan eens op mijn site www.bipolairanders.nl

 

Ik geef (zelf)stigma geen kans

Tekst: Ramona Griebe

Ik ben Ramona, ik leef met een bipolaire stoornis en van mij mag iedereen het weten.

Vorig jaar kwam ik in contact met Vincent Moolenaar. Hij had het idee om een filmpje te maken over iemand met een bipolaire stoornis. Op een ongedwongen manier mensen laten zien wat het inhoudt en mensen die het ook hebben de kans geven om te herkennen. We zijn tenslotte niet alleen.

Het zou een mooi filmpje worden, maar waarom mooi en gelikt als het onderwerp eigenlijk best ruw is? Dus hebben we besloten om het te laten zien zoals het is. Ik wilde heel graag mee werken, omdat ik weet dat er genoeg mensen zijn die denken dat ze zich moeten schamen, of dat ze er niet mogen zijn omdat ze wat ‘mankeren’. Ze zijn vaak bang, omdat ze de indruk hebben dat ze de enige zijn. Ook weten veel mensen niet hoe er mee om te gaan, dus keren ze zich af van mensen die zogenaamd ‘niet sporen’.

Zelf had ik er in het begin ook moeite mee, maar ik mocht al redelijk snel ontdekken dat, dat helemaal niet hoefde. Ik kan je ook heel eenvoudig vertellen waarom;

“Ik doe elke dag mijn best; ik overleef, ik vecht, ik geniet, ik lach, ik huil, ik ben eerlijk en open, ik raak makkelijk compleet uit balans, maar ik klim er elke keer ook weer boven op.”

Dat doe ik allemaal en nog meer. Soms word ik er echt bang van. Het kan voelen alsof ik helemaal alleen ben. En dan kan het zomaar omslaan naar ontembaar enthousiasme. Er zit voor mij niet veel tussenin, alles voelt intens. Ik ben ook niet de meest eenvoudige persoon, maar bijvoorbeeld wel heel creatief en ik kan echt ‘out of the box’ denken. Ik ben niet heel attent en kan verjaardagen zonder blozen vergeten wanneer ik te veel in mijn hoofd heb. Maar ik zal altijd klaar staan voor de mensen die ik lief heb. Ik kan heel rustig worden van dieren en praat dan ook honderduit tegen ze. Wat mensen daarvan willen vinden maakt mij niet uit.

Ik weet als ik wakker word niet hoe mijn pet aan het eind van de dag staat, dus leef ik mijn dag zo veel mogelijk, zoals ik me er prettig bij voel. Ook al betekent dat, dat ik niet altijd mee kan komen en regelmatig een ‘pauze-dag’ moet hebben. Even pas op de plaats. Soms moet ik ook ‘nee’ zeggen tegen mijn dochter. Of heb ik minder aandacht voor haar. Dat kan me zo dwars zitten, maar gelukkig kan ik haar dan gewoon vertellen dat mama zich niet zo lekker voelt. En als haár hoofd een keer te vol zit, kan ze rekenen op mijn begrip, want ik snap het.

Zoals iedereen heb ik ook mijn periodes dat ik vind dat alle slechte dingen mij overkomen. Niet eerlijk vind ik het dan, dat ik zo’n vervelende stoornis moet hebben. Maar ik moet het er mee doen, dus dan maak ik het voor mezelf zo prettig als ik kan. Ik ben er wel achter dat elk nadeel ook zijn voordelen heeft, en elk voordeel ook zijn nadelen. Een hele vervelende periode is voor mij bijvoorbeeld voer voor inspiratie om te schrijven.

Van afkeurende blikken of gefluister heb ik gelukkig weinig last. Mensen in mijn omgeving weten hoe het zit en ik doe niet geheimzinnig als er anderen bij zijn. Het lijkt makkelijker te zijn voor anderen als ik me positief op stel. Als ik me niet schaam, hebben zij ook geen reden om er een ongemakkelijk en schaamtevol iets van te maken. Uitzonderingen zullen er altijd blijven, maar die bevestigingen voor mij alleen maar de regel.

Hoe mensen het ook het ook wil verwoorden, ik ben blij met wie ik ben en ik geef (zelf)stigma geen ruimte. Dus daarom mijn verhaal; ik hoop dat (zelf)stigma steeds minder ruimte krijgt om te bestaan.